Jaarstukken 2020

Werk en Inkomen

Programmanummer

 

10

Commissie

 

Werk en Middelen

Portefeuille(s)

 

Werk, Inkomen, Economie & Cultuur
Gezondheid, Jeugdzorg & Welzijn

Bestuur, Veiligheid en Handhaving

De missie van het programma Werk en Inkomen luidt:
"De gemeente Leiden stimuleert haar inwoners om door werk zelfstandig in het bestaan te voorzien, bevordert maatschappelijke participatie en biedt waar nodig een financieel vangnet."

Ontwikkelingen in 2020

Corona

Uitvoering prestaties
Voor wat betreft de uitvoering van de doelen en prestaties zien we verschillende gevolgen van corona. Voor wat betreft de activiteiten en prestaties: sommige activiteiten zijn doorgegaan, zij het vaak in andere vormen; sommige activiteiten zijn vertraagd en andere hebben we niet kunnen uitvoeren. De crisisdienstverlening aan ondernemers is in 2020 opgestart, waarbij de uitvoering van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is belegd bij het Regionaal Bureau Zelfstandigen in Rotterdam. Ook is de crisisdienstverlening aan jongeren opgestart, dan wel in voorbereiding genomen (aanpak jeugd werkloosheid, opzet regionale mobiliteitsteams).
Medio maart is voor wat betreft de reguliere dienstverlening Team Werk & Inkomen de prioriteit komen te liggen bij het afhandelen van de toegenomen bijstandsaanvragen. Ook zijn klantafspraken telefonisch en per email geweest, omdat 'live' afspraken niet mogelijk waren. Dit gaat ten koste van de kwaliteit van het contact en het leren kennen van de klanten. Er was ook minder doorstroom mogelijk naar re-integratie. Er is ook ingezet op het beperken van de negatieve gevolgen van corona voor de economie en de Leidse ondernemers (zie Programma 3 Economie)

Corona is van invloed op het werk van en bij DZB, zowel organisatorisch als financieel. Met aanpassingen gaat het werk zo veel mogelijk door. Sommige werksoorten zijn in omvang verminderd waardoor opbrengsten achterbleven. Ook het begeleiden van werkzoekenden naar een nieuwe baan elders is zo veel mogelijk doorgegaan. Dit geldt ook voor deelnemers aan Project JAS voor statushouders. De tekorten bij DZB worden voor een groot deel gecompenseerd door de financiële steun van het rijk.

Maatschappelijke effecten
Naast een effect op het anders, minder snel of niet uitvoeren van activiteiten (prestaties) zien we ook maatschappelijke effecten van corona. Een voorbeeld hiervan is dat meer mensen een beroep op de bijstand doen. Een mogelijk effect dat we nog niet zien is dat meer mensen (problematische) schulden krijgen. Deze maatschappelijke effecten van corona zien we waarschijnlijk langere tijd.

Uitvoering Visie Sociaal Domein

In 2020 hebben we activiteiten op de drie niveau’s uit de Visie Sociaal Domein uitgevoerd: op het niveau van het stadsklimaat, op collectief en individueel niveau. Hieronder staat een aantal resultaten van ontwikkelingen in 2020 genoemd, geordend per niveau. Deze lijst is niet uitputtend (zie ook toelichtingen bij de prestaties).

Stadsklimaat

Werkgeversservicepunt
In de arbeidsmarktregio Holland Rijnland werken samenwerkingspartners (gemeenten, UWV en SW bedrijven) steeds intensiever samen in een regionaal werkgeversservicepunt (WSP). Het WSP zorgt ervoor dat werkgevers met een vraag naar personeel en organisaties met een aanbod van werkzoekenden (zoals re-integratie afdelingen van gemeenten en UWV) elkaar steeds beter weten te vinden. Het WSP bundelt de expertise van het UWV, de sociale werkvoorzieningen en gemeentelijke re-integratieafdelingen. Het biedt ondersteuning bij werving en selectie; het uitbesteden van werkzaamheden en het realiseren van de banenafspraak bij organisaties. DZB heeft in deze regionale samenwerking een regiefunctie.

Collectief niveau

Veranderopgave Inburgering
In 2020 is de aanbesteding voor inburgeringsonderwijs via Holland Rijnland gestart, gunning zal plaatsvinden in 2021. De start van de nieuwe wet Inburgering is door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid uitgesteld. De wet zal op 1 januari 2022 ingaan.

Laaggeletterdheid
Het Regionaal Programma Laaggeletterdheid voor de arbeidsmarktregio Holland Rijnland is vastgesteld in 2020 (RV 20.0102). Nieuw hierin is de integrale aanpak op laaggeletterdheid, de versterking van de regierol van gemeenten en de inzet op een groter bereik van laaggeletterden met Nederlands als moedertaal. Er zijn daartoe vijf actielijnen geformuleerd. Dit zijn: de eigen rol van de gemeente, werk en participatie, armoede en schulden, het voorkomen van laaggeletterdheid bij kinderen en het verbeteren van ouderbetrokkenheid, gezondheid en welzijn.

Schuldhulpverlening
In 2020 is gestart met de bewindvoerdersdesk. Momenteel zijn 20 bewindvoerderskantoren aangehaakt. Ook is de nieuwe jongerenaanpak Fix je finance gestart, als opvolger van Debt? to no Debt! Voor toelating geldt geen maximum schuldenbedrag meer, schulden worden afgekocht met een saneringskrediet, en de looptijd is teruggebracht naar de gangbare 3 jaar. Met de herijking van de vroegsignalering, invoering van de bewindvoerdersdesk en aanpassing van de beschikkingen in 2020 waren we op tijd klaar om te voldoen aan de eisen van de wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening per 1 januari 2021.

Individueel niveau

DZB
DZB heeft een toekomstvisie uitgewerkt voor de komende 10 jaar, waarin is uitgewerkt hoe enerzijds omgegaan wordt met de afname van het aantal medewerkers met een Wsw dienstverband en anderzijds de ontwikkelfunctie van DZB versterkt wordt. De Toekomstvisie is een uitwerking van de kaders uit het Beleidsplan Werk en Participatie 2019 - 2023 (RV 19.0110). De toekomstvisie is middels een wensen en bedenkingen procedure voorgelegd aan de raad. Vaststelling heeft plaatsgevonden in maart 2021 (BW 20.0630).

Beleidsterrein 10A Arbeidsparticipatie

Doelen en prestaties bij 10A Arbeidsparticipatie

Doel

Prestatie

 

10A1 Leidenaren hebben werk en zijn daardoor minder uitkeringsafhankelijk


10A1.1 Inzetten re-integratie en participatievoorzieningen

 

10A1.2 Aanbieden volwasseneneducatie

 

10A1.3 Inzetten projecten Jongeren op de Arbeidsmarkt

 

10A2 Mensen met loonwaarde onder het wettelijk minimumloon werken zo regulier mogelijk

10A2.1 Inzetten sociale werkvoorziening

 

10A2.2 Inzetten beschut werk

 

10A2.3 Inzetten loonkostensubsidie

 

Toelichting op prestaties

10A1.1 Inzetten re-integratie en participatievoorzieningen
Vanwege corona zijn minder re-integratietrajecten gestart dan verwacht.

10A1.2 Aanbieden volwasseneneducatie
Volwasseneneducatie heeft als gevolg van corona in digitale vorm plaatsgevonden.
In 2020 is het Regionaal Programma Laageletterdheid (RV 20.0102) vastgesteld, zie ook onder Ontwikkelingen in 2020 bij dit programma.

10A1.3 Inzetten projecten Jongeren op de Arbeidsmarkt
Als gevolg van corona hebben we in 2020 niet de volledige dienstverlening kunnen benutten. Om die reden is het stoplicht oranje. Er is bijgestuurd door online trainingen en algehele digitale dienstverlening op te zetten en (individuele) begeleiding op locatie te bieden voor degenen die geen toegang tot online diensten hebben.
Deelnemers aan JAS (statushouders) hebben enige vertraging ervaren. Dit betrof vooral de verlenging inburgeringstermijnen, het opschorten van inburgeringsexamens en het uitblijven van stages en werkplekken. De dienstverlening is hierop aangepast. Ook zijn er nog veel lessen doorgegaan.

Effectindicatoren bij 10A Arbeidsparticipatie

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarde 2020

Bron

2017

2018

2019

2020

Doel 10A1 Leidenaren hebben werk en zijn daardoor minder uitkeringsafhankelijk

10A1.a Netto arbeidsparticipatie (% werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de potientiele beroepsbevolking)

67%

68%

69%

nnb

70%

CBS (BBV - via wsjg)

10A1.b Aantal banen per 1.000 inwoners van 15 t/m 64 jaar

802

799

813

nnb

810

LISA (BBV - via wsjg)

10A1.c Werkloze jongeren, percentage 16- tot en met 22-jarigen

1%

1%

1%

nnb

0,8%

Verwey Jonker Instituut/Kinderen in Tel (BBV - via wsjg)

10A1.d Aantal statushouders in de bijstand

-

334

345

368

294

Team Werk en inkomen

10A1.e Aantal lopende re-integratievoorzieningen per 1.000 inwoners van 15-64 jaar

20

20

16

16

22

CBS (BBV - via wsjg)

Doel 10A2 Mensen met loonwaarde onder het minimumloon werken zo regulier mogelijk

10A2.a Aantal volledige banen in de WSW uitgedrukt in stadaardeenheden (SE)

601

798

757

680

680

DZB

10A2.b Aantal loonkostensubsidie banenafspraak (via DZB)

106

93

128

160

145

DZB

10A2.c Aantal nieuw beschut werk

11

15

19

27

25

DZB

10A2.e Aantal opstapsubsidies eerste jaar

49

40

26

18

≤ 40

DZB

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima

Doelen en prestaties bij 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima

Doel

Prestatie

 

10B1 Minima doen mee in de samenleving en raken niet in een sociaal isolement

10B1.1 Ondersteunen van mensen die gebruik maken van een bijstandsuitkering om actief te zijn in de samenleving en niet in een sociaal isolement te raken

 

10B2 Armoedebestrijding

10B2.1 Behandelen aanvragen individuele bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag

 

10B2.2 Verstrekken (bijdrage in) premie Collectieve Ziektekostenverzekering Minima

 

10B2.3 Verstrekken tegemoetkoming kinderopvang op Sociaal medische Indicatie

 

10B2.4 Kwijtschelding gemeentelijke heffingen

 

10B2.5 Subsidies minimabeleid

 

Toelichting

10B1.1 Ondersteunen van mensen die gebruik maken van een bijstandsuitkering om actief te zijn in de samenleving en niet in een sociaal isolement te raken
Project DOOR was tot en met juni 2020 een project van Libertas Leiden. Het werk en de methodiek van Project DOOR zijn vanaf 1 juli 2020 ondergebracht in de werkzaamheden van BuZz, partner in de Sterke Sociale Basis. Project DOOR is daarmee geëindigd. Er is door Libertas en BuZz veel gedaan om contact te onderhouden met mensen die op dat moment in beeld waren. Er zijn geen nieuwe huisbezoeken afgelegd vanwege corona.

Positie op de participatieladder

Aantal personen op 31-12-2020, minimaal 2 jaar in uitkering

31-12-2019

Trede 1: Geïsoleerd

214

213

Trede 2: Sociale contacten buitenshuis

974

976

Trede 3: Deelname georganiseerde activiteiten

481

529

Trede 4: Onbetaald werk

456

478

Trede 5: Betaald werk met ondersteuning

262

245

Trede 6: Betaald werk

18

17

Onbekend

42

48

Totaal

2.447

2.506


Effectindicatoren bij 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarde 2020

Bron

2017

2018

2019

2020

Doel 10B1 Minima doen mee in de samenleving en raken niet in een sociaal isolement

10B1.b Aantal mensen dat zich op trede 1 en 2 van de participatieladder bevindt en ondersteund wordt*

-

98

-

-

150

Team Werk en inkomen

10B1.c Percentage dat een stap maakt op de participatieladder (van de mensen die deelnemen aan ondersteunende projecten)*

-

65%

-

-

40%

Team Werk en inkomen

* In de Programmabegroting 2021 is aangegeven dat deze indicatoren niet meer opgenomen zullen worden. In plaats daarvan wordt een tabel opgenomen met de positie op de particpatieladder van personen die minimaal 2 jaar een uitkering ontvangen.

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 10C Inkomensvoorzieningen

Doelen en prestaties bij 10C Inkomensvoorzieningen

Doel

Prestatie

 

10C1 Leidenaren (18 t/m AOW-leeftijd) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.1 Behandelen aanvragen en beheer uitkeringen Participatiewet, Ioaw, Ioaz, Bbz- inkomensvoorzieningen

 

10C1.2 Uitvoeren fraudepreventie en opsporen uitkeringsfraude

 

10C1.3 Uitvoeren terugvordering en verhaal

 

Toelichting op prestaties

10C1.2 Uitvoeren fraudepreventie en opsporen uitkeringsfraude
Door de beperkende maatregelen hebben we minder huisbezoeken kunnen afleggen. Huisbezoeken worden gebruikt om uitkomsten van administratief onderzoek te staven en conclusies te trekken, bijvoorbeeld het beëindigen van een uitkering.

10C1.3 Uitvoeren terugvordering en verhaal
In 2020 hebben we terughoudend gehandeld bij terugvorderingen van ondernemers, onder meer op de volgende manieren:

  • Ondernemers die daarom verzochten kregen uitstel van betaling (als het een door coronacrisis getroffen beroepsgroep betrof);
  • De uitstaande incasso’s bij Deurwaarderskantoor zijn stopgezet;
  • Er is geen beslag gelegd op TOZO uitkeringen.
Effectindicatoren bij 10C Inkomensvoorzieningen

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarde 2020

Bron

2017

2018

2019

2020

Doel 10C1 Leidenaren (18 t/m AOW-leeftijd) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.a Personen met een bijstanduitkering, aantal per 1.000 inwoners

45,4

43,0

40,9

42,6

42,0

CBS (via wsjg-BBV)

10C1.b Percentage ontvangen bedrag van het totaalsaldo vorderingen (incassoquote)

14%

15%

14%

14%

15%

Team Werk & Inkomen

10C1.c Percentage personen met schuld, inclusief fraude, met wie nog geen afspraak tot aflossing is gemaakt

18%

14%

18%

nnb*

15%

Team Werk & Inkomen

10C1.d Percentage huishoudens dat ten minste één jaar een inkomen heeft tot 120% van het sociaal minumum

15,7%

15,1%

nnb*

nnb*

14,9%

CBS

10C1.e Aantal Leidenaars dat langdurig in armoede leeft

3.300

3.400

3.400

nnb*

2.976

CBS

* Deze realisatiewaardes waren op het moment van samenstellen van deze Jaarrekening nog niet beschikbaar.

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 10D Schuldhulpverlening

Doelen en prestaties bij 10D Schuldhulpverlening

Doel

Prestatie

 

10D1 Het ontstaan dan wel escalatie van problematische schuldensituaties is voorkomen

10D1.1 Uitvoeren van budgetbeheer, stabilisatietrajecten en overige preventieve maatregelen

 

10D2 Problematische schuldensituaties zijn beheersbaar gemaakt en (zo mogelijk) opgelost

10D2.1 Uitvoeren schuldhulpverlening

 

Toelichting op prestaties

Zie Ontwikkelingen in 2020 aan het begin van dit programma.

Effectindicatoren bij 10D Schuldhuplverlening
Met de vaststelling van het beleidsplan Schuldhulpverlening (RV 20.0145) zijn er ook nieuwe indicatoren vastgesteld. In de Programmabegroting 2022-2026 vervangen we de huidige indicatoren door de indicatoren uit het beleidsplan.

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarde 2020

Bron

2017

2018

2019

2020

Doel 10D1 Het ontstaan dan wel escalatie van problematische schuldensituaties is voorkomen

10D1.a Het gemiddelde schuldbedrag van mensen die zich bij de schuldhulpverlening hebben gemeld

40.400

36.706

32.356

33.134

39.400

Stadsbank

10D1.b Het gemiddeld aantal schuldeisers van mensen die zich bij de schuldhulpverlening hebben gemeld

12

11

12

12

11

Stadsbank

10D1.c Percentage aanvragers voor schulphulpverlening dat eerder (binnen een periode van 3 jaar voorafgaand aan de aanvraag) een minnelijk of wettelijk traject hebben doorlopen

-

11%

-

1,2%

10%

Stadsbank

10D1.d Aantal ex-zzp-ers dat zich meldt bij de Stadsbank

110

90

66

43

90

Stadsbank

Doel 10D2 Problematische schuldensituaties zijn beheersbaar gemaakt en (zo mogelijk) opgelost

10D2.a Aantal gestarte schuldbemiddelingstrajecten en saneringskredieten

176

170

166

122

170

Stadsbank

10D2.b Aantal geslaagde schuldbemiddelingstrajecten en saneringskredieten

124

153

137

141

125

Stadsbank

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Kaderstellende beleidsstukken

  • Regionaal Programma Laageletterdheid (RV 20.0102)
  • Toekomstvisie DZB (BW 20.0630)
  • Beleidsregels inzake tegemoetkoming kosten kinderopvang op grond van sociaal-medische indicatie Leiden 2020 (BW 20.0531)
  • Beleidsplan Schuldhulpverlening (RV 20.0145; vastgesteld februari 2021).

Programmabudget

Werk en inkomen
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2019

Begroting
2020

Wijziging
Begroting

Begroting 2020
na wijziging

Rekening
2020

Verschil
2020

Arbeidsparticipatie

Lasten

38.314

39.593

-1.650

37.943

35.986

1.958

 

Baten

-15.446

-15.323

4.381

-10.943

-11.617

674

Saldo

 

22.867

24.270

2.731

27.001

24.369

2.632

Maatsch. participatie en onderst. minima

Lasten

11.016

10.427

-1.413

9.014

8.410

603

 

Baten

-446

-684

-66

-751

-473

-278

Saldo

 

10.570

9.742

-1.479

8.263

7.938

325

Inkomensvoorzieningen

Lasten

58.413

62.368

12.614

74.982

76.690

-1.708

 

Baten

-54.106

-55.062

-14.312

-69.374

-75.896

6.521

Saldo

 

4.307

7.306

-1.698

5.608

795

4.813

Schuldhulpverlening

Lasten

2.285

2.397

174

2.571

2.423

148

 

Baten

-485

-379

51

-328

-378

50

Saldo

 

1.800

2.019

225

2.243

2.045

199

Programma

Lasten

110.028

114.785

9.725

124.510

123.509

1.001

 

Baten

-70.483

-71.449

-9.947

-81.395

-88.363

6.967

Saldo van baten en lasten

 

39.544

43.336

-222

43.115

35.146

7.969

Reserves

Toevoeging

0

558

2.089

2.647

4.803

-2.156

 

Onttrekking

-2.340

-2.323

550

-1.773

-2.407

634

Mutaties reserves

 

-2.340

-1.765

2.639

874

2.396

-1.522

Resultaat

 

37.205

41.572

2.417

43.989

37.542

6.447

Reserves programma 10
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2019

Begroting
2020

Wijziging
Begroting

Begroting 2020
na wijziging

Rekening
2020

Verschil
2020

DZB Bedrijfsreserve dzb-Leiden wsw

Toevoeging

0

0

373

373

2.529

-2.156

 

Onttrekking

-167

-160

143

-17

-1.297

1.280

Saldo

 

-167

-160

516

356

1.232

-876

DZB Reserve zachte landing rijksbez. Wsw

Toevoeging

0

558

-558

0

0

0

 

Onttrekking

-329

-1.210

1.018

-191

-191

0

Saldo

 

-329

-651

460

-191

-191

0

DZB Reserve frictiekosten ID/WIW DZB

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-80

-109

38

-71

-70

-1

Saldo

 

-80

-109

38

-71

-70

-1

Reserve Sociaal Domeins P10

Toevoeging

0

0

2.274

2.274

2.274

0

 

Onttrekking

-1.664

-844

-649

-1.494

-849

-645

Saldo

 

-1.664

-844

1.625

780

1.425

-645

Reserve Fonds Debt? to no Debt!

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-99

0

0

0

0

0

Saldo

 

-99

0

0

0

0

0

Totaal

Toevoeging

0

558

2.089

2.647

4.803

-2.156

 

Onttrekking

-2.340

-2.323

550

-1.773

-2.407

634

Reserves programma 10

 

-2.340

-1.765

2.639

874

2.396

-1.522

Toelichting op beleidsterreinen met financiële afwijkingen (op de lasten en/of baten) > 250.000

Arbeidsparticipatie
De lagere lasten op dit beleidsterrein (exclusief DZB) van 1,14 miljoen worden volledig veroorzaakt door onderschrijdingen met een incidenteel karakter waarvan de lasten voor het grootste gedeelte in 2021 alsnog gaan volgen. Dit betreft:

  • Het invoeringsbudget inburgering, opgenomen in de meicirculaire van 2020, van 248.647 is niet aangewend omdat de invoering van de nieuwe inburgeringswet niet eerder dan 1 januari 2022 zal plaatsvinden. De invoeringkosten zullen in 2021 ontstaan.
  • De re-integratieprojecten (Ja, JAS, JA+) zijn voor een groot deel incidenteel gedekt. In 2020 zijn meer interne bijdragen ontvangen dan verwacht, waardoor een voordeel is ontstaan van 376.621. Deze middelen blijven beschikbaar voor de Ja-projecten. Op de overige re-integratiebudgetten is per saldo een onderschrijding ontstaan van 426.714, waardoor er ook 426.714 minder onttrokken is aan de reserve sociaal domein.
  • Het tijdelijke regionale budget Versterking arbeidsmarktregio Holland Rijnland (2020 t/m 2023) van 73.000 is niet besteed omdat het regionaal bestedingsplan niet tijdig afgerond is. Deze middelen blijven beschikbaar voor dit doel. Op het budget volwasseneneducatie in Holland Rijnland is een onderschrijding ontstaan van 62.000, waardoor er ook 62.000 minder opbrengst is aan rijksbaten. Deze geoormerkte rijksbaten staan op de balans en blijven beschikbaar voor latere jaren. Op het budget laaggeletterdheid is een onderschrijding van 33.000 ontstaan. Deze middelen blijven beschikbaar voor het terugdringen van laaggeletterdheid in Holland Rijnland.

DZB/Arbeidsparticipatie

Het voordeel van 2.633.000 op het programmabudget beleidsterrein “Arbeidsparticipatie” is een samenvoeging van baten en lasten van PMO en DZB. Van dit voordeel heeft 1.353.000 betrekking op DZB. Het voordeel DZB is te verdelen in een voordeel voor de WSW (516.000) en een voordeel voor re-integratie en werkgeversdiensten (836.000).

Voordeel WSW
Gedurende het jaar is vooruitlopend op de financiële effecten van de Coronacrisis een bedrag van 730.000 vanuit het weerstandvermogen van DZB overgeheveld naar de begroting. Dit bleek achteraf maar ten dele nodig, waardoor er in 2020 een positief begrotingsresultaat van 516.000 wordt geboekt. Er is sprake van een lagere instroom in dienstverbanden via de Participatiewet en er is sprake van financiële voordelen uit voorgaande jaren, zoals de nabetaling van het UWV voor de afgelopen jaren door DZB uitbetaalde transitievergoedingen en een aantal te hoog ingeschatte verplichtingen. De inkomsten van de leerwerkbedrijven zijn als gevolg van de maatregelen fors lager uitgevallen, hetgeen deels is gecompenseerd door het Rijk.

Voordeel DZB Trajectbegeleiding
Het ontstane voordeel van 516.000 is incidenteel. Een aantal vacatures is in 2020 niet vervuld, er zijn minder opstapsubsidies verstrekt en er zijn minder kosten gemaakt voor opleidingen voor werkzoekenden. Corona heeft hieraan deels bijgedragen. Daarnaast zijn er een paar kosten vrijgevallen: de teveel begrote opstapsubsidies uit 2019 en de belastingverplichting over 2016-2019 (als gevolg van uitspraak Hoge Raad over compenseerbaarheid BTW op kosten in het re-integratieproces).

Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima
Stichting Leergeld levert vanaf medio 2019 maatwerk ten aanzien van het verstrekken van schoolgerelateerde middelen. Leergeld ontvangt naast een subsidie van de gemeente Leiden ook externe bijdragen van diverse organisaties en fondsen. De subsidie over 2019 is 135.000 lager vastgesteld door een combinatie van meer ontvangen externe bijdragen en minder verstrekkingen. Ook over 2020 zijn meer externe bijdragen ontvangen dan verwacht. Daarnaast waren er meer verstrekkingen dan begroot, maar was het bedrag per verstrekking lager vanwege corona. De subsidie 2020 zal naar opgave van de stichting 230.000 lager vastgesteld kunnen worden.
Er is minder leenbijstand verstrekt waardoor de opbrengst uit terugvordering 278.000 lager is uitgevallen. De storting in de voorziening oninbaar is daarom 145.000 lager uitgekomen. Er is minder aan leenbijstand verstrekt doordat er vergeleken met de periode 2016 / tm 2018 relatief minder statushouders zijn gehuisvest. In 2019 was het beeld overeenkomstig 2020. De meerjarenbegroting zal worden aangepast.
Op de verstrekkingen minimabeleid/bijzondere bijstand is een onderschrijding ontstaan van 135.000. Het budget kwijtschelding lokale belastingen/heffingen is met 41.000 overschreden.

Inkomensvoorzieningen
Er is een voordeel behaald van 4,8 miljoen op het bijstandsbudget. De lasten zijn 3,9 miljoen lager doordat er minder uitkeringen zijn verstrekt dan begroot en de baten uit terugvordering 0,9 miljoen hoger. In de extra baten zat een incidentele meevaller van 0,3 miljoen doordat de inkomsten uit terugvorderingen Bbz (uitkering voor zelfstandigen) vanaf 2020 volledig voor Leiden zijn. In de decemberwijziging was het voordeel geprognosticeerd op 4,5 miljoen.
Er zijn meer TOZO-uitkeringen (tijdelijke ondersteuning zelfstandige ondernemers) verstrekt dan begroot. Niet alleen de uitkeringskosten zijn daardoor hoger, maar ook de uitvoeringskosten. Tegenover deze extra TOZO-uitgaven staan ook extra TOZO-baten. De lasten en baten zijn daardoor 5,5 miljoen hoger. De gemeente Rotterdam, die voor veel gemeenten in Zuid-Holland de TOZO uitvoert, heeft in het laatste kwartaal moeite gehad om de gemeenten adequaat te informeren over de verwachten kosten, waardoor de begroting niet tijdig kon worden bijgesteld. De TOZO-uitvoeringskosten Leiderdorp zijn door Rotterdam aan Leiden gefactureerd. Leiden heeft deze kosten weer gefactureerd aan Leiderdorp. De lasten en baten zijn daardoor 273.000 hoger.

Schuldhulpverlening
Er zijn geen relevante afwijkingen.

Toelichting op afwijkingen Reserves


Bedrijfsreserve DZB
Het nadeel bij DZB reserves houdt verband met een storting in DZB bedrijfsreserve ad 756.000. Bij een voordelig rekeningresultaat wordt deze reserve namelijk aangevuld tot 10% van de totale lasten. De storting van 756.000 staat in verhouding tot eerder genoemde onttrekking voor de opvang van Corona effecten ad 730.000.

Reserve zachte landing rijksbezuinigingen WSW (DZB)
De frictiekosten zijn licht hoger uitgevallen, waardoor er 10.013 extra aan de reserve is onttrokken.

Reserve frictiekosten ID/WIW
De frictiekosten zijn 1.135 lager uitgevallen dan geraamd, waardoor de onttrekking 1.135 lager is.

Investeringen


Onderschrijdingen op investeringskredieten
DZB Leiden heeft een beschikbaar investeringskrediet van 511.000 in 2019, waarvan de daaruit voortvloeiende kapitaalslasten in eigen exploitatie worden opgevangen. Mede i.v.m. de verwachtte ontwikkelingen die mogelijk leiden tot een krimp van de populatie, wordt binnen het Leerwerkbedrijf een terughoudend beleid gevoerd bij het doen van investeringen en dat heeft geleid tot een onderschrijding van 361.000.

Overschrijdingen op investeringskredieten
Binnen dit programma zijn er per 31-12-2020 geen overschrijdingen ontstaan op investeringskredieten.

Toelichting op investeringskredieten ouder dan 3 jaar die niet afgesloten worden bij de jaarrekening
Niet van toepassing.