Jaarstukken 2025

2.3.1 Lokale heffingen

1. Inleiding

In deze paragraaf staan de opbrengsten en het beleid voor de diverse gemeentelijke belastingen en heffingen in 2025. Eerst worden heffingen behandeld die deel uitmaken van de woonlasten, te weten de onroerende-zaakbelasting voor woningen, de riool- en waterzorgheffing en de afvalstoffenheffing. Daarbij geven we een overzicht van de lokale lastendruk. Vervolgens gaan we in op de onroerende-zaakbelastingen voor niet-woningen, de toeristenbelasting, de precariobelasting, de parkeerbelasting, rechten en het kwijtscheldingsbeleid.

In 2025 is de gehele uitvoering van de onroerende-zaakbelastingen, riool- en waterzorgheffing, afvalstoffenheffing, toeristenbelasting en precariobelasting gedaan door de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR).

Geraamde en werkelijke belastingopbrengsten 2025

Heffing

(Bedragen * 1.000)

-/- = nadeel

Rekening 2024

Primitieve begr, 2025

Wijz 2025

Begroting 2025

Rekening 2025

Begroting 2025-Rekening 2025

Rekening 2025-Rekening 2024

Ozb eigenaren woningen

28.826

30.673

-280

30.393

30.428

35

1.603

Ozb gebruikers niet-woningen

19.530

20.642

545

21.188

21.296

108

1.766

Ozb eigenaren niet-woningen

21.531

22.245

712

22.957

22.403

-555

872

Precariobelasting

413

465

0

465

488

23

76

Afvalstoffenheffing

21.512

21.817

93

21.910

21.837

-73

325

Rioolheffing

13.323

14.480

24

14.504

14.003

-502

679

Parkeerbelastingen

16.605

14.568

4.283

18.851

19.444

593

2.840

Toeristenbelasting

1.309

1.680

0

1.680

1.290

-390

-19

Totaal

123.048

126.571

5.377

131.948

131.189

-759

8.141

2. Heffingen die deel uitmaken van de woonlasten

2.1. Onroerende-zaakbelastingen (ozb)

Geen toelichting. Opbrengst is licht hoger dan geraamd.

2.2. Riool- en waterzorgheffing

Met ingang van 2025 maakt de rioolheffing plaats voor een riool- en waterzorgheffing. Er wordt geheven van eigenaren en gebruikers van alle percelen in Leiden, ook al hebben de percelen geen aansluiting op de gemeentelijke riolering. Bij woningen wordt een nieuw tarief ingevoerd, namelijk een vast bedrag voor eigenaren. Voor gebruikers van woningen blijft het afhankelijk van de omvang van het huishouden. Er zijn drie tarieven, namelijk voor een-, twee- en drie- of meerpersoonshuishoudens. Bij niet-woningen wordt eveneens een nieuw tarief voor eigenaren ingevoerd. Voor zowel eigenaren, als voor gebruikers is het tarief afhankelijk van de hoogte van de WOZ-waarde.

De opbrengst komt lager uit doordat abusievelijk een verlaging van de opbrengst eigenaren woningen van €.400.000 niet is doorgevoerd. De kostendekking komt per saldo uit op 99,72%, begroot was 99,5%

2.3. Afvalstoffenheffing

De afvalstoffenheffing komt iets lager uit dan geraamd. We zien een daling van het aantal meerpersoonshuishoudens en een stijging van het aantal één- en tweepersoonshuishoudens. De kostendekking komt uit op 100,7%. Deze overdekking van 0,7% = 171.560 is toegevoegd aan de voorziening afvalstoffenheffing.

2.4. Aanduiding van de lokale lastendruk

In de tabel hieronder is de lokale lastendruk in de jaren 2024 en 2025 aangegeven. De lasten zijn weergegeven voor een huurwoning en een koopwoning en opgesplitst in de huishoudengrootten waarvoor Leiden verschillende (afgeronde) tarieven kent. Het gaat om de tarieven voor een eenpersoons- (1PH); een tweepersoons- (2PH) en een drie- of meerpersoonshuishouden (MPH).

Bij een huurwoning bestaan de lasten uit riool- en waterzorgheffing (RIO) en afvalstoffenheffing (ASH). Bij een koopwoning bestaan de lasten uit riool- en waterzorgheffing, afvalstoffenheffing en de door eigenaren verschuldigde onroerende-zaakbelasting (OZB).

De gemiddelde WOZ-waarde van een woning in Leiden was voor het belastingjaar 2025 circa 409.000 (bron: CBS).

Woningsoort

Belastingsoort

2024 1PH

2025 1PH

2024 2PH

2025 2PH

2024 MPH

2024 MPH

Huurwoning 

OZB

-

-

-

-

-

-

RIO

136

67

195

98

254

129

ASH

253

269

365

387

476

505

totaal 

389

336

560

485

730

634

Koopwoning 

OZB

444

463

444

463

444

463

RIO

136

156

195

187

254

218

ASH

253

269

365

387

476

505

totaal 

833

888

1.004

1.037

1.174

1.186

De lokale lastendruk voor huishoudens in een huurwoning is in 2025 lager dan in 2024. Dit wordt veroorzaakt door de riool- en waterzorgheffing. Met ingang van 2025 wordt geheven van eigenaren en gebruikers van alle percelen. Door de invoering van een eigenarentarief is het tarief voor gebruikers lager in 2025.


3. Heffingen die geen deel uitmaken van de woonlasten

3.1. Onroerende-zaakbelastingen niet-woningen (ozb)

De OZB niet-woningen eigenaren komt lager uit doordat een aantal aanslagen uit voorgaande jaren verminderd moest worden. Het gaat hierbij onder andere over woon/zorgcomplexen die niet meer als niet-woningen mogen worden aangeslagen, maar als woning.

3.2. Toeristenbelasting

De toeristenbelasting komt lager uit door sluiting van een hotel en een daling van het aantal overnachtingen.

3.3. Precariobelasting
In 2025 is 488.000 opgelegd. Iets meer dan begroot.

3.4. Parkeerbelastingen
Op het beleidsterrein parkeren is sprake van een voordelig saldo van 593.000 parkeerbelasting. Binnen het beleidsterrein parkeren wordt een onderscheid gemaakt tussen autoparkeren en fietsparkeren. In het bovenstaande schema staat de opbrengst van het autoparkeren in de openbaren ruimte weergegeven.

3.5. Rechten

Op grond van verschillende verordeningen worden rechten geheven ter bestrijding van de kosten van gebruik van gemeentevoorzieningen en diensten. Voorbeelden hiervan zijn leges voor vergunningen en andere producten, binnenhavengeld en markt- en staangelden.

4. Kwijtscheldingsbeleid

In Leiden komen in beginsel de volgende heffingen in aanmerking voor kwijtschelding:

  • Onroerende-zaakbelastingen;
  • Rioolheffing;
  • Afvalstoffenheffing;
  • Precariobelasting voor woonboten als de belastingplichtige de woonboot als permanente woning gebruikt;
  • Binnenhavengeld voor woonboten als de belastingplichtige de woonboot als permanente woning gebruikt.

De mogelijkheden tot kwijtschelding zijn wettelijk geregeld. Het is gemeenten niet toegestaan een ruimer kwijtscheldingsbeleid te hanteren. Wel is toegestaan om in het geheel geen dan wel gedeeltelijk kwijtschelding te verlenen. Leiden heeft gekozen voor het ruimst mogelijke kwijtscheldingsbeleid.

Kwijtschelding kan worden verleend als een belastingplichtige de aanslag slechts met buitengewoon bezwaar kan voldoen. Met 'buitengewoon bezwaar' wordt bedoeld dat het betalen van de belastingaanslag financiële gevolgen heeft die door de betreffende belastingplichtige niet gedragen kan worden.

De kwijtscheldingen in 2025 zijn op basis van dit beleid verleend. Het verleende bedrag aan kwijtschelding (€ 2.068.415) is iets lager dan geraamd (€ 2.125.008).

5. Kostendekking Lokale heffingen

Voor gemeentelijke heffingen geldt de wettelijke eis van maximaal kostendekkende tarieven. Bij de berekening van de tarieven van de heffingen mogen de geraamde opbrengsten de geraamde kosten niet overschrijden. In onderstaande is op basis van de realisatie 2025 de kostendekking van de belangrijkste gemeentelijke heffingen van 2025 inzichtelijk gemaakt.

Omdat de overhead met ingang van 2017 niet langer wordt doorgerekend aan de programma’s heeft de wetgever bepaald dat in de paragraaf lokale heffingen volgens een voorgeschreven model inzicht wordt gegeven in de mate van kostendekkendheid van de heffingen. Die kostendekkendheid moet buiten de boekhouding om worden berekend. Voor de toerekening van de overhead zijn daartoe twee verdeelsleutels toegestaan, te weten de loonkosten per taakveld of de omvang per taakveld. Beide sleutels mogen worden toegepast, maar is eenmaal een keuze gemaakt, dan moet die sleutel ook consequent worden gehanteerd. Deze sleutels moeten in de financiële verordening door de Raad worden bevestigd. Op basis van de opgestelde berekening kiezen wij ervoor om standaard te kiezen voor de verdeelsleutel van de loonsom per taakveld. Loonkosten bepalen in de meeste gevallen immers een groot deel van het tarief. Die sleutel ligt dan ook het meest voor de hand. De uitkomsten laten zien dat via deze sleutel verhoudingsgewijs een hoger deel van de overhead mag worden toegerekend aan de betreffende exploitatie respectievelijk in het tarief mag worden betrokken.

Riool- en waterzorgheffing

Kosten

Bedrag

2.1

Verkeer en vervoer

1.311.375

5.7

Openbaar groen en (openlucht) recreatie

519.897

6.3

Inkomensregelingen

442,984

7.2

Riolering

8.886.661

Overhead

1.708.432

BTW

1.171.432

Totaal Kosten

14.041.318

Opbrengsten

Bedrag

1.1

Woningen

11.605.823

1.2

Niet-woningen

2.396.716

Totaal Opbrengsten

14.002.539

Totaaloverzicht

Bedrag

Totaal kosten

14.041.318

Totaal opbrengsten

14.002.539

Kostendekkendheidspercentage

99,72%

Afvalstoffenheffing

Kosten

Bedrag

2.1

Verkeer en wegen

2.079.565

6.3

Inkomensregelingen (kwijtschelding)

1.624.537

7.3

Afval

13.409.741

Storting in voorziening afvalstoffenheffing

171.560

Overhead

2.435.557

Btw

2.116.473

Totaal Kosten

21.837.433

Opbrengsten

Bedrag

1.1

Afvalstoffenheffing

21.837.433

Totaal Opbrengsten

21.837.433

Totaaloverzicht

Bedrag

Totaal kosten

21.837.433

Totaal opbrengsten

21.837.433

Kostendekkendheidspercentage

100%

Berekening kostendekkendheid van de leges 

Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

2.968.961

Overhead

735.813

BCF - btw

Totaal lasten

3.704.776

Legesopbrengsten

3.375.741

Hoofdstuk 2 dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

3.696.510

Overhead

1.662.856

BCF - btw

Totaal lasten

5.359.366

Baten

7.395.549

 

Hoofdstuk 3 Dienstverlening waarop de Dienstenrichtlijn van toepassing is

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

937.011

Overhead

469.071

BCF - btw

Totaal lasten

1.616.641

Baten

619.232

Kostendekkendheid

Titel 1 burgerzaken

91,12%

Titel 2 bouw leges

137,99%

Titel 3 overige leges

38,30%

Totaal

106,65%

De afzonderlijke onderdelen van de legesverordening mag per titel en per hoofdstuk een kostendekkendheid hebben van meer dan 100%. De legesverordening mag in zijn geheel op begrotingsbasis niet boven de 100% kostendekkendheid uit komen. In de realisatie treden afwijkingen op. De hogere opbrengst voor de omgevingsvergunningen wordt verrekend met de egalisatiereserve leges omgevingsvergunningen.

6. Lokale lastendruk

Vergelijking lastendruk met gemeenten over jaar 2025

In de tabel hieronder staan, op alfabetische volgorde, de woonlasten 2025 weergegeven van de aan Leiden grenzende gemeenten. De cijfers zijn overgenomen uit de Atlas lokale lasten 2025 van het Coelo. Daarin staan de lasten voor eenpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishoudens in koopwoningen. Voor Leiden wordt voor de woonlasten van meerpersoonshuishoudens het tarief voor 3- of meerpersoonshuishoudens gehanteerd.

Gemeente

woonlasten eenpersoons-huishoudens

woonlasten meerspoons-huishoudens

gem. woz waarde koopwoning x 1.000

Katwijk

1.047

1.188

532

Leiden

1.033

1.322

538

Leiderdorp

1.115

1.336

519

Leidschendam-Voorburg

1.007

1.085

535

Oegstgeest

1.398

1.606

684

Teylingen

951

1.112

558

Voorschoten

1.441

1.539

624

Wassenaar

1.589

1.842

928

Zoeterwoude

1.195

1.214

552

De woonlasten in Leiden liggen voor eenpersoonshuishoudens onder het gemiddelde in de regio. Voor meerpersoonshuishoudens zijn de woonlasten in Leiden gemiddeld ten opzichte van de regio. Meer informatie is beschikbaar op de website http://leiden.woonlastenmeters.nl/