Jaarstukken 2025

2.3.5 Bedrijfsvoering

Deze paragraaf gaat over de bedrijfsvoering van de gemeente Leiden. Bedrijfsvoering vormt een beperkt onderdeel van de totale begroting, maar raakt de hele organisatie. Onder bedrijfsvoering verstaan we alle activiteiten die zorgen dat de gemeente haar belangrijkste taken kan uitvoeren. Bedrijfsvoering bestaat uit de volgende onderdelen:

  • communicatie;
  • facilitaire zaken;
  • financiën;
  • HRM (personeelszaken) en organisatieontwikkeling;
  • informatievoorziening, data en privacy;
  • inkoop en contractmanagement;
  • juridische zaken.

Deze paragraaf bestaat uit vijf delen:

  1. Centrumregeling Bedrijfsvoering Leidse regio: over de samenwerking in de regio;
  2. Strategisch Plan Bedrijfsvoering Leidse Regio: de belangrijkste plannen aan de hand van drie thema’s;
  3. Organisatieontwikkeling gemeente Leiden: verder ontwikkelen van de hele organisatie;
  4. Rechtmatigheidsverantwoording en interbestuurlijk toezicht: over de uitkomsten van het toezicht van onze interne accountant en de provincie;
  5. Doelmatigheid- en doeltreffendheidsonderzoeken: een overzicht van de onderzoeken die we in 2025 hebben afgerond.

De eerste twee delen gaan over het werken met en voor de regio. De laatste drie delen gaan over het werken in en voor Leiden.

1. Centrumregeling Bedrijfsvoering Leidse regio

Op 1 januari 2023 is de centrumregeling Bedrijfsvoering Leidse regio van start gegaan. De Leidse regio bestaat uit de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest en Zoeterwoude. De gemeente Leiden doet de bedrijfsvoering voor deze gemeenten. De afspraken die hierover zijn gemaakt staan in de Centrumregeling Bedrijfsvoering Leidse regio en in dienstverleningsovereenkomsten (één per gemeente).

De gemeente Leiden voert ook de bedrijfsvoering uit voor twee gemeenschappelijke regelingen. Dit zijn Regio Holland Rijnland (HR) en Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland (SOZ). De dienstverlening aan deze organisaties is ongeveer hetzelfde als de dienstverlening aan de regiogemeenten. De afspraken maken alleen geen deel uit van de Centrumregeling Leidse regio. Hiervoor hebben we aparte afspraken gemaakt.

Actualisatie begroting Centrumregeling

De begroting van de Centrumregeling is geactualiseerd. Bij de start van de Centrumregeling zijn de budgetten van voormalig Servicepunt71 en de voormalige Concernstaf overgedragen aan het nieuwe cluster Interne Dienstverlening en Advisering (IDA). Tijdens de transitiefase (2023 en 2024) zijn alle budgetten herverdeeld naar de verschillende afdelingen binnen IDA.

Bij deze herverdeling van de budgetten kon destijds nog niet voldoende de werkelijke behoefte van de nieuwe afdelingen worden bepaald. Vastgesteld werd dat er een scheefgroei was tussen budget en werkelijke uitgaven. Om dit te herstellen is een nieuwe, reële begroting voor IDA opgebouwd vanuit de gedachte van Zero-Based Budgettering (ZBB).

Bij ZBB worden wijzigingen niet doorgevoerd op basis van het budget van het vorige jaar, maar vanaf nul (zero-base) opgebouwd. De nieuwe opgebouwde begroting wordt gebaseerd op het huidige niveau van afgesproken dienstverlening. Hiermee kunnen we:

  • aan de stad verantwoorden welk deel van het publieke geld wordt uitgegeven aan bedrijfsvoering en waarvoor dat precies gebruikt wordt. Bijvoorbeeld voor het veilig houden van onze digitale systemen waarin gegevens van inwoners staan.
  • de rest van de organisatie en onze partners goed ondersteunen zodat zij kunnen werken aan hun maatschappelijke opgaven. Projectcontrollers helpen bijvoorbeeld bij de bewaking van de budgetten van bouwprojecten in de stad.

De budgetten zijn aangepast naar de verwachte lasten en baten en is budgettair neutraal verwerkt in de begroting van Leiden met de 2e technische wijziging Programmabegroting 2025 (blz. 10).

Het opnieuw opbouwen van de begroting van de Centrumregeling is geen eenmalige actie geweest. Ook deze vorm van begroting vraagt continue monitoring en bijsturing. Op basis van de Jaarstukken wordt vanaf nu jaarlijks kritisch gekeken of er bijsturing nodig is.

Vernieuwen dienstverleningsovereenkomsten

De dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s) met Regio Holland Rijnland (HR) en Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland (SOZ) liepen af op 31 december 2025. In 2025 is een start gemaakt met het vernieuwen van de DVO’s. Deze willen we beter laten aansluiten op de drie DVO’s die met de regiogemeenten zijn afgesloten:

  • We koppelen de dienstverlening aan HR en SOZ aan de dienstverlening die we voor de regiogemeenten beschreven hebben in de ‘module bedrijfsvoering’. Dat is een overzicht van alle dienstverlening en producten die cluster IDA levert aan haar partners.
  • We passen de financieringssystematiek aan van PxQ naar lumpsum. Bij PxQ worden de kosten berekend door het tarief per eenheid (P van prijs) te vermenigvuldigen met het aantal (Q van quantity/hoeveelheid). Bij lumpsum betaalt de klant jaarlijks één vast bedrag (de lumpsum) voor alle reguliere dienstverlening. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd en aangepast waar nodig.

De nieuwe DVO’s met HR en SOZ worden begin 2026 ondertekend en hebben een looptijd van vier jaar.

2. Strategisch Plan Bedrijfsvoering Leidse Regio

De gemeente krijgt te maken met steeds ingewikkeldere vraagstukken. We krijgen meer taken en opgaven vanuit het Rijk of door onze eigen ambities. Bij deze maatschappelijk opgaven stellen we altijd onze inwoners, bedrijven en instellingen centraal.

De bedrijfsvoering ondersteunt de organisatie in het omgaan met deze opgaven. We zorgen ervoor dat we een flexibele organisatie zijn die zich makkelijk en snel kan aanpassen. Daarbij is het belangrijk dat de bedrijfsvoering ook zichzelf blijft ontwikkelen. Het Strategisch Plan Bedrijfsvoering Leidse Regio geeft hier voor de komende jaren richting aan. Dit plan is samen met de regio gemaakt en op 1 april 2024 vastgesteld.

In het Strategisch Plan staan:

  • de opgaven die alle gemeenten in de Leidse regio de komende jaren hebben;
  • de uitgangspunten die we hebben voor de samenwerking in de Leidse regio;
  • drie strategische thema’s waar we met elkaar aan werken.

De drie strategische thema’s zijn:

  1. Duurzame inzetbaarheid;
  2. Wendbare bedrijfsvoering;
  3. Digitale transformatie.

Deze thema’s en de bijbehorende acties zijn voor 2025 voor het eerst uitgewerkt in een Uitvoeringsplan. Dit uitvoeringsplan wordt vanaf 2025 elk jaar geactualiseerd.

De paragraaf bedrijfsvoering is opgesteld aan de hand van de drie strategische thema’s. Hieronder wordt elk strategisch thema kort beschreven. We benoemen wat we in 2025 hebben gedaan dat bijdraagt aan het thema. En we geven bij de thema’s Duurzame inzetbaarheid en Digitale transformatie een aantal indicatoren en/of kengetallen die in de Begroting 2025 zijn genoemd.

a. Duurzame inzetbaarheid

Duurzame inzetbaarheid betekent dat mensen graag bij Leiden komen én blijven werken. Nieuwe medewerkers helpen we snel hun weg te vinden in de organisatie. De juiste mensen werken op de juiste plek: ze doen werk dat past bij hun talenten en waar ze plezier in hebben. Leiden is een aantrekkelijke werkgever voor onze bestaande en toekomstige medewerkers met aandacht voor een prettige en veilige werkomgeving.

  • Werkdruk: in 2025 is werkdruk een belangrijk thema geweest. Het medewerkersonderzoek laat een kleine daling van werkdruk zien, maar deze is nog steeds hoog en vraagt blijvende aandacht. Om van elkaar te leren is er sinds 2022 een focusgroep werkdruk. Ook is op verschillende afdelingen meer geprioriteerd en is waar nodig extra capaciteit ingezet.
  • Vitaliteit: wij vinden het belangrijk dat iedereen goed en gezond kan werken, ook als dat vanuit huis is. In 2025 is het vitaliteitsprogramma ‘Sterk in je Werk’ (interventies, trainingen en workshops over gezond leven en werken) voortgezet. Ook was er hulp op gebied van mentale zorg. In 2025 konden medewerkers van gemeente Leiden meedoen aan de Fitcheck (onderzoek fysieke en mentale gezondheid).
  • Veiligheid: in 2025 deden zich binnen zowel Veilige Publieke Taak (VPT) als Integriteit diverse belangrijke ontwikkelingen voor. In 2025 vonden meerdere agressie‑incidenten plaats die waren gericht op het bestuur en op medewerkers. Hierom is in 2025 de nieuwe functie, veiligheidsregisseur formeel vastgesteld. Het interne meldpunt Integriteit ontving in 2025 (24) aanzienlijk meer meldingen dan in 2024 (8). Twee van deze meldingen betrof vermoedens van fraude. Deze 2 zaken, waarvan 1 oneigenlijk gebruik en 1 misbruik, zijn onderzocht en in beide gevallen bleek het om fraude te gaan. De personele capaciteit voor Integriteit en VPT is in 2025 tijdelijk uitgebreid met een tweede integriteitscoördinator.
  • Strategische personeelsplanning: in 2025 zijn we verdergegaan met strategische personeelsplanning (SPP). Voor gemeente Leiden werkten we al jaren met SPP. In 2025 hebben we gewerkt aan een nieuwe manier die beter past bij gemeente Leiden. De nieuwe manier is een Leidse (door HR&O op maat gemaakte) versie van de methodiek met analysetools en werkvormen. We hebben deze aanpak in 2025 bij een aantal onderdelen van de organisatie toegepast.  De eerste reacties zijn positief.
  • Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA): in 2025 is het proces inhuur in lijn gebracht met de wet DBA, waarin werkgevers worden verplicht om schijnzelfstandigheid (ZZP) actief te voorkomen. Daarnaast zijn de lopende hoog risico dossiers geïdentificeerd (68) en is er gewerkt aan afbouw.

In de Begroting 2025 staat dat we in de jaarstukken de volgende kengetallen opnemen: Verzuim, Formatie en Bezetting, Stages, Banenafspraak en Totaal uitgaven personele lasten en Externe inhuur. Deze informatie staat hieronder. Alle getallen in de tabellen zijn inclusief Lakenhal en Erfgoed Leiden en Omstreken, maar exclusief DZB.

Verzuim

2024

2025

Streefwaarde 2025

Ziekteverzuimpercentage

6,8%

7,6%

6,3%

De stijging van het verzuim komt met name door een stijging in het langdurige verzuim (tussen 6 en 52 weken). De overige verzuimduur categorieën zijn vrijwel gelijk gebleven. In 2025 hebben op een aantal afdelingen de teamleidinggevenden extra gesprekken gevoerd met verzuimadviseurs, HR en de bedrijfsarts over het terugdringen van het verzuim, voorheen vonden deze gesprekken vooral plaats op managementniveau. In 2025 is er een projectgroep gestart met als doel om taken en verantwoordelijkheden tijdens het verzuim te verduidelijken voor medewerkers, leidinggevenden, HR en andere betrokkenen. Het doel is om te zorgen dat iedereen weet wat er moet én mag gebeuren om het verzuim uiteindelijk te verlagen.

Formatie en bezetting

De totale formatie is sinds 31 december 2024 gegroeid met 85,7 fte, van 1.737,9 fte naar 1.823,6 fte. Fte staat voor full time equivalent. Eén fte staat volgens de cao-gemeenten gelijk aan 36 uur.

Niet alle medewerkers werken 36 uur. Er zijn ook medewerkers die deeltijd werken. De bezetting laat zien hoeveel mensen daadwerkelijk bij de gemeente werken.

De totale bezetting in aantallen medewerkers is gegroeid met 89 personen, van 1.910 naar 1.999. De totale bezetting in fte is gegroeid met 85,3 fte, van 1.754,3 fte naar 1839,6 fte.

Er was in 2025 meer bezetting (1.839,6 fte) dan formatie (1.823,6 fte). Dit komt door tijdelijke contracten. Deze zijn over het algemeen gebaseerd op tijdelijk geld, zoals bij projecten. Als een taak tijdelijk is wordt deze niet altijd omgezet in formatie. Het beschikbare tijdelijke (project) geld dient dan wel ter dekking van de overbezetting.

De formatie groeit elk jaar, zowel landelijk als in onze gemeente. Er zijn verschillende redenen voor deze groei:

  • als gevolg van de wet DBA is er meer inhuur vervangen met vast personeel;
  • instroom i.v.m. verwachte uitstroom;
  • ambities in bouw en ontwikkeling van de stad veroorzaken groei in projectorganisatie;
  • toename van het werk door groei van de stad en gemeentelijke taken;
  • nieuwe functies omdat het werk verandert;
  • nieuwe wet- en regelgeving (vanuit Rijk en EU).

Stages

Stages

2024

2025

Soort

Overig

MBO

HBO

WO

Totaal

Overig

MBO

HBO

WO

Totaal

Onbetaald

0

0

2

1

3

0

0

1

0

1

Betaald

1

28

55

30

114

0

19

36

38

93

Stage nieuw stijl/

Werkervaringsplaats

9

0

0

2

11

0

0

0

5

5

Totaal

10

28

57

33

128

0

19

37

43

99

In 2025 is bij specifieke clusters extra inzet gedaan op stages en is er contact gelegd met scholen en andere netwerken. We zien de noodzaak om te investeren in stagiairs: zowel vanwege de krapte op de arbeidsmarkt en het aantrekken van jong talent, als vanuit onze maatschappelijke verantwoordelijkheid.

In 2025 stelden we vast dat het huidige beleid voor het werken met stagiairs, leerlingen en pas afgestudeerden toe is aan aanscherping. Zo kunnen we aansluiten bij de huidige behoeftes van de organisatie en de maatschappelijke ontwikkelingen.

Banenafspraak

Banenafspraak

2024

2025

Quotum banenafspraak

55,41

55,75

Aantal fte nieuwe plaatsingen

2,13

2,7

Aantal fte

49

47,5

In 2025 waren er meer plaatsingen dan in 2024. Doordat in 2025 meer mensen vertrokken dan werden aangenomen, is het totaal aantal fte in 2025 lager dan in 2024. Het doel (het quotum) is daarom in 2025 niet gehaald.

Totaal uitgaven personele lasten en externe inhuur

2024

2025

Streefwaarde 2025

Totaal uitgaven loonsom

152.939.009

165.713.295

-

Totaal uitgaven externe inhuur

33.254.114

32.355.325

-

Percentage externe inhuur

17,9%

16,3%

18,2%

In bovenstaande tabel wordt inzicht gegeven in het resultaat van de kosten van de externe inhuur ten opzichte van de personele lasten. De belangrijkste redenen om in te huren zijn:

  • het realiseren van (tijdelijke) projecten;
  • inzet van specialistische kennis;
  • vervanging bij ziekte;
  • krapte op de arbeidsmarkt waardoor een vacature moeilijk in te vullen is.

In de Begroting van 2025 is een streven externe inhuur van 18,2% opgenomen. Het percentage externe inhuur over 2025 was met 16,3% lager dan bij de tweede voortgangsrapportage was verwacht (17,3%) en ook lager dan het in de begroting opgenomen percentage. Het percentage is lager uitgekomen omdat er minder extern is ingehuurd (mede door de wet DBA) en vaker met interne inlening kon worden gewerkt: 34 interne plaatsingen in 2025 ten opzichte van 14 in 2024.

b. Wendbare bedrijfsvoering

Met alle maatschappelijke opgaven en nieuwe vragen uit de stad willen we als gemeente snel kunnen meebewegen. Dat kan alleen als de organisatie een stevige basis heeft. Vanuit deze stabiele basis is er ruimte om – waar mogelijk samen met de stad – nieuwe ontwikkelingen op te starten. Onze standaard dienstverlening is voorspelbaar en herkenbaar en sluit goed aan op de wensen van de organisaties waarvoor wij werken. Voor onze partners is duidelijk wanneer zij betrokken worden. De stevige basis van IDA geeft de gemeenten in de Leidse regio de ruimte om wendbaar te zijn.

  • Bedrijfscontinuïteitsmanagement: We hebben in 2025 stappen gemaakt om te bepalen wat er moet gebeuren om onze belangrijkste processen door te kunnen laten gaan bij calamiteiten. We hebben risico’s in kaart gebracht en op basis daarvan bedrijfscontinuïteitsplannen opgesteld.
  • Juridische kwaliteitszorg: we hebben in 2025 de geplande acties uitgevoerd, zoals het borgen van de wetgevingskalender, het optimaliseren van juridische kwaliteit van de bestuurlijke besluitvorming en de bekendmaking van besluiten. We hebben ook gesprekken gevoerd met de clusters over juridische kwaliteit en audits, met als doel deze in 2026 uit te voeren.
  • Interne controle: er zijn veel verschillende processen binnen de gemeenten die we uitvoeren. En de gemeente heeft veel manieren waarop we publiek geld uitgeven. Dit moet op een rechtmatige manier gebeuren: houdt de gemeente zich aan de bestaande regels? Hiervoor zijn er veel verschillende mensen die interne controles uitvoeren. Het kan dan gaan om contracten, privacy of financiële risico’s. We werkten in 2025 aan een betere samenwerking tussen deze verschillende controles.
  • Huisvesting: in 2025 zijn we gestart met het opstellen van het Strategisch Huisvestingsplan (SHP). In dit plan brengen we in kaart hoe de vraag naar ambtelijke huisvesting zich de komende vijftien jaar zal ontwikkelen en welke keuzes gemaakt moeten worden om hierop te anticiperen. Op basis daarvan worden in 2026 verschillende scenario’s opgesteld voor de toekomstige inrichting van de gemeentelijke huisvesting. De huisvestingssituatie van nu sluit door bestuurlijke en organisatorische ontwikkelingen niet meer volledig aan op de behoeften van de organisatie. Door integraal overzicht en een toekomstgerichte visie te creëren, kunnen we beter onderbouwd beslissingen nemen over het verlengen of beëindigen van huurcontracten en het investeren in of herontwikkelen van locaties.In 2025 zijn de volgende stappen gezet:
    • Het inventariseren van het huidige huisvestingsaanbod: Wat hebben we nu?
    • Het definiëren van de belangrijkste vragen voor de toekomstige huisvesting: Wat hebben we nodig?
    • Het ontwikkelen van ideeën en scenario’s voor de toekomstige huisvesting: Wat kunnen en willen we in de toekomst hebben?
  • Energiecontract: de gemeente Leiden koopt samen met 7 gemeenten haar elektriciteit en gas in. Met ingang van 1 januari 2025 zijn er nieuwe leveringsovereenkomsten voor elektriciteit en gas afgesloten. Deze overeenkomsten regelen de levering tot eind 2026. In 2025 hebben we afspraken gemaakt met leveranciers over het verlengen van leveringsovereenkomsten voor 2027.
  • Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI)1: op 7 juli 2025 is het nieuwe actieplan MVOI ambtelijk vastgesteld. In het inkoopbeleid zijn 6 maatschappelijke thema’s (MVOI-thema’s) opgenomen. Dit zijn milieu en biodiversiteit, klimaat, circulariteit, ketenverantwoordelijkheid, social return, en diversiteit en inclusie.
  • Social return: op 9 juli 2024 is de gemeenteraad geïnformeerd over de nieuwe aanpak Social Return (briefkenmerk Z/24/3672575). Hierin is aangegeven dat we een trapsgewijze aanpak toepassen. Hieronder staat de voortgang op de 3 onderwerpen.
    • Inbesteden: Binnen de gemeente worden verschillende soorten dienstverlening door DZB Leiden uitgevoerd. Voorbeelden hiervan zijn catering, schoonmaak en bewaking van openbare fietsenstallingen. Dit zijn meerjarencontracten waardoor we een stabiele werkomgeving kunnen creëren voor kwetsbare groepen binnen de eigen organisatie. In 2025 heeft DZB een hub-functie gekregen voor de gemeente Leiden. Goederen worden bij DZB geleverd waarna de laatste kilometers van het transport zonder uitstoot binnen Leiden plaatsvindt door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
    • Social return standaard in alle inkopen: We hebben in het actieplan MVOI opgenomen dat we MVOI-thema’s, waaronder social return, opnemen in aanbestedingen. We zien dat dit nog niet overal mogelijk is. Bijvoorbeeld omdat de markt er niet geschikt voor is of dat de contracteis niet proportioneel is.
    • Vergroten van ontwikkelkansen om zo het meedoen aan de maatschappij te bevorderen: In 2025 is er op verschillende manieren invulling gegeven aan mogelijkheden om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een kans te geven mee te doen met de arbeidsmarkt en daarmee actief deel te nemen aan de maatschappij. Bijvoorbeeld door middel van arbeidsintegratie en -ontwikkeling, inkoop bij sociale ondernemingen én sociale werkvoorzieningsbedrijven en/of het ontwikkelen van maatschappelijke initiatieven voor de doelgroep social return (mensen die willen participeren).
  • Strategische personeelsplanning en Inclusieve organisatie: In de programmabegroting 2025 stond onder het strategische thema wendbare bedrijfsvoering vermeld dat we in de jaarstukken van 2025 zouden rapporteren over de voortgang van deze twee onderwerpen. In het uitvoeringsplan 2025 (en daarom ook in deze tekst) is strategische personeelsplanning verplaatst naar deel 2a. Duurzame inzetbaarheid. Wat we voor Inclusieve organisatie gedaan hebben, staat bij deel 3. Organisatieontwikkeling gemeente Leiden.

Het actieplan Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen is op 7 juli 2025 ambtelijk vastgesteld. In het actieplan staat hoe we MVOI meer toe gaan passen, zodat we als gemeente Leiden onze verantwoordelijkheid nemen in inkoop en inzetten op onze voorbeeldrol. We hebben twee streefwaarden vastgesteld. Deze staan in de tabel hieronder.

Streefwaarde 2025 in %

Realisatie 2025 in %

Realisatie 2025 in aantallen

Europese aanbestedingen

100%

58%

15 van 26

Alle aanbestedingen

80%

52%

32 van 62

De streefwaarden zijn in 2025 niet gehaald. Dat heeft verschillende redenen:

  • De afspraken gelden sinds 7 juli 2025. Veel aanbestedingen die in 2025 zijn afgerond, waren voor 7 juli al opgestart. Hiervoor gold de afspraak voor minimaal 2 thema’s niet.
  • Soms is de aard van de opdracht niet passend om één of meer MVOI-thema’s uit te vragen. Voorbeelden zijn het afsluiten van een wagenparkverzekering of het aanbesteden van een onderzoek of ontwerpdienst.

Om de streefwaarden in 2026 wel te kunnen halen, zijn er in 2025 aanpassingen in het werkproces rondom aanbestedingen gedaan.

c. Digitale transformatie

De hele samenleving wordt steeds digitaler: we regelen meer zaken online en gebruiken meer digitale apparaten dan vroeger. De ontwikkelingen rondom Artificial Intelligence (AI, kunstmatige intelligentie) gaan heel snel. De gemeente wil graag dat de dienstverlening aansluit op deze maatschappelijke behoeften.

Digitalisering is en wordt een steeds belangrijker onderdeel van het werk voor de stad en de regio. We werken aan een betrouwbare basis van onze dienstverlening door aandacht te blijven houden voor een stabiele en simpele ICT-omgeving. We zorgen dat onze informatiehuishouding op orde is. We versterken de basis van informatiebeveiliging en ontwikkelen datagedreven werken. En we denken na over veilig, verantwoord en slim gebruik van AI in de Leidse regio.

  • Vervangen van systemen: we hebben verouderde systemen vervangen en gemoderniseerd. Hiermee verminderen we technische risico’s, vergroten we de wendbaarheid van onze infrastructuur en sluiten we beter aan op landelijke ontwikkelingen zoals Common Ground.
  • Fysieke en digitale werkplek: in 2025 is de hardware van onze werkplekken grotendeels vervangen: alle beeldschermen zijn vernieuwd en de laptops zijn vervangen. Alle laptops zijn geüpdatet van besturingssysteem Windows 10 naar Windows 11. Hiermee voldoen we aan actuele beveiligings- en ondersteuningsstandaarden. We hebben ontwikkelingen van de digitale werkplek meer op elkaar afgestemd. Dit zorgt voor stabiliteit, voorspelbaarheid van wijzigingen en meer samenhang in keuzes.
  • Informatieveiligheid: we hebben in 2025 de nadruk gelegd op het actualiseren van ons informatiebeveiligingsbeleid en kijken hoe we voldoen aan wetgeving (zie ook verderop bij De uitgevoerde beveiligingsmaatregelen in relatie tot de kaders in de BIO2 en/of NIS2). Op 23 januari 2025 is een aanbesteding uitgezet voor een beveiliging- en bewakingsdienst (MDR – Managed Detection and Response). In de kaderbrief 2025-2029 is structureel budget toegekend voor informatiebeveiliging (zie 3.11.2 Financiële ontwikkelingen, OH.13 IB&P - Stabiliteit en Veiligheid).
  • Privacy: het privacybeleid is geactualiseerd. Hierin is duidelijker omschreven hoe de gemeente en haar medewerkers zorgvuldig omgaan met persoonsgegevens. We hebben extra aandacht besteed aan risicoanalyses van processen waarbij persoonsgegevens verwerkt worden. Meer hierover staat hieronder bij De privacyrisico’s van een gegevensverwerking.
  • Overheidsinformatie: voor de inhoudelijke verantwoording over de uitvoering van de Wet open overheid (Woo) verwijzen wij naar paragraaf 2.3.8 Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid.
  • Informatie makkelijk kunnen vinden: om informatie voor lange tijd toegankelijk, vindbaar en betrouwbaar op te slaan, hebben we in 2025 stappen gezet om onze informatiehuishouding op orde te brengen. Er is een advies opgesteld over hoe we Microsoft Teams moeten gebruiken om samen te werken, zodat onze informatie efficiënt gebruikt, gedeeld en bewaard kan worden. We hebben in 2025 verder gewerkt aan het opschonen en vernietigen van verouderde en overbodige informatie. Daarmee voldoen we aan de wetgeving over archiveren en privacy, hebben we de hoeveelheid gebruikte opslagruimte op netwerkschijven verlaagd en is relevante informatie beter terug te vinden geworden.
  • Datagedreven werken: we zijn verdergegaan met de inrichting van ons dataplatform, waarmee we aansluiten op het Gemeentelijk Gegevensmodel (GGM) en we data gestandaardiseerd kunnen structureren. Zo kan dezelfde data makkelijker uitgewisseld worden tussen verschillende systemen. We hebben ook gewerkt aan verbeteringen van de kwaliteit en betrouwbaarheid van onze data. Er zijn afspraken vastgelegd over eigenaarschap van data en welke verantwoordelijkheden er bij dataeigenaarschap horen. We hebben dashboards ontwikkeld, zodat bestuur en organisatie kunnen sturen op basis van actuele, betrouwbare data.Naast de inrichting van het dataplatform, zijn we in 2025 gestart met het ontwikkelen van een platform voor geografische informatie (GIS). Met GIS kunnen we werken met ruimtelijke gegevens en data, zodat we die visueel inzichtelijk kunnen maken en combineren met andere data. Daarmee kunnen we besluitvorming over vraagstukken in de openbare ruimte ondersteunen.
  • Slimmer werken: in de programmabegroting van 2025 hebben we aangegeven dat we gaan onderzoeken hoe we robotisering in gaan zetten. In 2025 hebben we afgesproken om de inzet van robotisering beperkt te onderzoeken en is er nadruk gelegd op leren omgaan met kunstmatige intelligentie. In 2025 hebben we geïnvesteerd in opleiding en het delen van kennis over kunstmatige intelligentie. Het interne AI-netwerk is op 11 februari 2025 gelanceerd en vormt een regionale ambtelijke gemeenschap waarin medewerkers onder andere workshops en opleiding voor elkaar organiseren over AI en kennis en ervaringen met elkaar uitwisselen. We werken ook samen met andere gemeenten, onderwijsinstellingen en startups om van elkaar te leren hoe we AI verantwoord kunnen gebruiken.
  • De privacyrisico’s van een gegevensverwerking: we hebben in 2025 vijftien DPIA’s uitgevoerd. DPIA staat voor Data Protection Impact Assessment. Het is een risicoanalyse om te onderzoeken of er in een werkproces risico’s zijn rondom de privacy voor onze inwoners. Als dat het geval is worden er maatregelen genomen om deze risico’s weg te nemen. Zo gaan we zorgvuldig om met de gegevens van onze inwoners.
  • De uitgevoerde beveiligingsmaatregelen in relatie tot de kaders in de BIO2 en/of NIS2:we hebben inzichtelijk gemaakt in hoeverre we voldoen aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid 2 (BIO2) en de aankomende Cyberbeveiligingswet (NIS2). Daarna hebben we bepaald welke stappen nodig zijn om hier verder aan te voldoen.
  • De voortgang van het Register van verwerkingen en Algoritmeregister: we hebben in 2025 het Register van verwerkingen volledig geactualiseerd. Het Register van verwerkingen is een openbaar overzicht van alle werkprocessen waarbij de gemeente persoonsgegevens vastlegt. We hebben naar aanleiding van motie M.24.0056.3 van 11 juli 2024 een Algoritmeregister opgezet. Daarin staat welke algoritmes de gemeente gebruikt bij werkprocessen die gevolgen hebben voor inwoners.
  • Samenwerken aan digitalisering: de digitale transformatie is niet alleen een verzameling van technologische ontwikkelingen, maar vooral een verandering van hoe de gemeente haar maatschappelijke opgaven organiseert, aanstuurt en uitvoert. We hebben geïnvesteerd in samenwerking tussen de afdelingen informatievoorziening en de verschillende clusters van de gemeente om praktijkvragen met technologische mogelijkheden met elkaar te combineren.

In de Begroting 2025 staat dat we in de jaarstukken de volgende kengetallen opnemen:

  • aantal datalekken;
  • totale kosten informatiebeveiliging
  • aantal IT beveiligingsincidenten en inbreuken;
  • Aantal opgelegde boetes door de Autoriteit Persoonsgegevens, inclusief waarde van de boetes

Met onderstaande kengetallen geven wij de veiligheid en beheersbaarheid van onze informatievoorziening weer. De cijfers geven inzicht in incidenten, datalekken, investeringen in beveiliging en toezicht door de Autoriteit Persoonsgegevens. Hiermee kan de raad haar kaderstellende en controlerende rol invullen.

Kengetal

2025

1. Aantal datalekken

18

2. Totale kosten informatiebeveiliging

-

3. Aantal IT beveiligingsincidenten en inbreuken

444

4. Aantal opgelegde boetes door de Autoriteit Persoonsgegevens

0

  1. In 2025 zijn er 70 datalekken gemeld. Daarvan heeft de gemeente Leiden 18 keer een melding gemaakt bij de Autoriteit Persoonsgegevens. 16 keer is ook degene om wie het gaat geïnformeerd over het datalek. De meest voorkomende oorzaak was een verkeerd gestuurde e-mail. De tweede meest voorkomende oorzaak is een verkeerd gestuurde brief. Ieder kwartaal evalueren we alle datalekken om te onderzoeken waar de organisatie kan verbeteren.
  2. Informatiebeveiliging maakt onderdeel uit van onze reguliere werkzaamheden. Het is niet mogelijk om te bepalen wat kosten voor informatiebeveiliging zijn, dus ook niet om te bepalen hoe hoog die kosten zijn.
  3. Het aantal incidenten bevat ook meldingen en registraties zonder daadwerkelijke schade.

3. Organisatieontwikkeling

In 2025 hebben we ons gericht op de waarden wendbaarheid, slagvaardigheid, professionaliteit en samenwerken. We hebben een leeraanbod ontwikkeld voor leidinggevenden dat gericht is op die waarden en op gedeeld leiderschap. We hebben de praktijk van samenwerken geëvalueerd en dat heeft onder meer geresulteerd in documentatie voor (het evalueren van) samenwerkingsafspraken en een Handreiking Opschalen.

Inclusieve organisatie

Op verschillende gebieden is gewerkt aan een inclusievere organisatie:

  • er is een start gemaakt met testen en leren op het gebied van objectief werven en selecteren,
  • er is voor het eerst organisatiebreed een scan uitgevoerd naar Diversiteit, Inclusiviteit en Gelijkwaardigheid (DIG),
  • het ambassadeursnetwerk is gegroeid tot ongeveer 80 collega’s die actief DIG uitdragen op de werkvloer,
  • de toolbox DIG is opgeleverd. Daarmee kunnen medewerkers en teams zelf aan de slag.

Het programma Leiden Inclusief is beëindigd en geborgd binnen de organisatie. De raad is hierover op 27 januari 2026 geïnformeerd (brief met kenmerk Z/26/3938071).

4. Rechtmatigheidsverantwoording en interbestuurlijk toezicht


Rechtmatigheidsverantwoording van de interne accountant
Toetsing van de rechtmatigheid is sinds 2023 de verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders (hierna: het college). Hiervoor wordt de rechtmatigheidsverantwoording opgesteld. De externe accountant beoordeelt nog wel of de informatie van het college in de rechtmatigheidsverantwoording juist, toereikend en volledig (getrouw) is. Getrouwheidsfouten tellen mee in het oordeel van de accountant maar worden niet in de rechtmatigheidsverantwoording gerapporteerd. In het controleprotocol voor de accountantscontrole 2023 (artikel 3c) heeft de gemeenteraad ook aanwijzingen gegeven over zaken waarover de gemeenteraad in het kader van de financiële rechtmatigheid geïnformeerd wil worden in de paragraaf bedrijfsvoering, namelijk:

A. De wijze waarop de rechtmatigheidsverantwoording tot stand is gekomen;
B. Nadere toelichtingen op bevindingen die zijn opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording;
C. Bewuste afwijkingen van wet- en regelgeving door bijzondere omstandigheden binnen de gemeente;
D. Bevindingen boven de rapporteringsgrens die niet in de rechtmatigheidsverantwoording zelf zijn opgenomen;
E. Beheersmaatregelen ten aanzien van geconstateerde fouten en onduidelijkheden (de leer- en verbeterpunten) om deze in de toekomst te voorkomen.

Hieronder volgt een verdere toelichting.

A. Wijze waarop de rechtmatigheidsverantwoording tot stand is gekomen
Het college geeft in de rechtsmatigheidsverantwoording aan in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen en het voorwaarden-, begrotings- en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten, lasten en balansmutaties in overeenstemming zijn met door de gemeenteraad vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving, oftewel in overeenstemming zijn met:

1. de Financiële verordening 2023 (RV 23.0072 van 29 augustus 2023) van de gemeente Leiden waarin de uitgangspunten zijn vastgelegd voor het financieel beleid, voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie. Ook zijn hierin nadere regels over het voorwaarden-, begrotings- en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium opgenomen. Daarnaast is het begrotingscriterium nader toegelicht in het kader van het ‘tijdig melden van onderschrijdingen van lasten of investeringskredieten en/of onder- of overschrijdingen van baten'.

2. het Normenkader rechtmatigheid 2025 (RV 26.0018 van 21 april 2026) van de gemeente Leiden waarin de relevante wet- en regelgeving zijn opgenomen voor de jaarlijks rechtmatigheidscontrole door het college. Het normenkader is in april 20226 met terugwerkende kracht door de gemeenteraad vastgesteld. Het normenkader gaat in op de operationalisatie van het voorwaarden-, begrotings- en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium.

3. het Controleprotocol voor de accountantscontrole jaarrekening 2025 van de gemeente Leiden waarin de gemeenteraad de verantwoordingsgrens en rapporteringsgrens bepaald heeft. De verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheidsverantwoording is door de gemeenteraad vastgesteld op 2% van de begrote lasten (exclusief dotaties aan reserves) en de rapporteringtolerantie voor het toelichten van geconstateerde onrechtmatigheden is gesteld op 825.000 (RV 26.0018).

B. Nadere toelichting op bevindingen die zijn opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording en beheersingsmaatregelen om dit in de toekomst te voorkomen
Niet van toepassing. Uit de rechtmatigheidsverantwoording blijkt dat het college van mening is dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde verantwoordingsgrens. Dit houdt dat het totaal van onrechtmatigheden (afwijkingen) lager zijn dan de door de gemeenteraad bepaalde verantwoordingsgrens. Alleen als het totaal van de onrechtmatigheden (afwijkingen) hoger is dan de verantwoordingsgrens worden deze opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording en is een nadere toelichting noodzakelijk.

C. Bewuste afwijkingen van wet- en regelgeving door bijzondere omstandigheden
Niet van toepassing (geen bewuste afwijkingen door bijzondere omstandigheden).

D/E. Bevindingen boven de rapporteringsgrens die niet in de rechtmatigheidsverantwoording zelf zijn opgenomen en beheersingsmaatregelen om dit in de toekomst te voorkomen
De bevindingen boven de rapportagegrens van 825.000 (die niet in de rechtmatigheidsverantwoording zelf zijn opgenomen) worden toegelicht in deze paragraaf. Hierbij gaat het om bevindingen waarbij het voorwaarden-, begrotings- en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium niet zijn nageleefd. Deze zijn hieronder toegelicht.

Voorwaardencriterium
Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van financiële beheershandelingen. De voorwaarden (eisen) zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedrag, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. Het niet naleven van deze voorwaarden kan ook van invloed zijn op het getrouwe beeld van de jaarrekening. Deze bevindingen maken dan geen onderdeel uit van de rechtmatigheidsverantwoording maar vallen onder de reikwijdte van de accountantscontrole (gericht op de getrouwheid van de jaarrekening).

in het proces van aanbesteden zijn 5 opdrachten als onrechtmatig aangemerkt met 490.000 aan onrechtmatige bestedingen in 2025. De oorzaak van de fouten ligt voornamelijk bij opdrachten die niet Europees zijn aanbesteed maar wel de EU-drempel overschrijden en dus Europees aanbesteed hadden moeten worden en bij niet rechtmatige verlenging van opdrachten.

de huidige beheersmaatregelen zijn op dit moment toereikend. Team inkoopadvies en aanbestedingen monitort samen met de lijnorganisatie (en interne controle via de periodiek spendanalyse) de bestedingen van opdrachten en onderneemt waar mogelijk de nodige acties om de onrechtmatige opdrachten op te lossen. De meeste onrechtmatige opdrachten zijn (op korte termijn) opgelost door herstelacties (het contract is opgezegd of de opdracht is opnieuw en juist aanbesteed).

Voorwaardencriterium
Er zijn geen bevindingen ten aanzien van het voorwaardencriterium.

Begrotingscriterium
Financiële beheershandelingen die ten grondslag liggen aan de baten, lasten en balansmutaties moeten tot stand zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (de gemeenteraad autoriseert de begroting op programmaniveau). Een overschrijding van lasten ten opzichte van de begroting is altijd onrechtmatig (op basis van artikel 189, lid 3 van de gemeentewet). In artikel 35c, lid 4 van de Financiële verordening 2023 van de gemeente Leiden zijn wel een aantal situaties opgenomen wanneer onrechtmatige overschrijdingen van lasten ten opzichte van de begroting als acceptabel worden aangemerkt.


Bij programma 1 ‘Bestuur en dienstverlening’ is een onrechtmatige overschrijding van lasten ten opzichte van de begroting. Een overschrijding van lasten ten opzichte van de begroting is altijd onrechtmatig. De overschrijding van de lasten ad 1.277.000 is te verklaren door de extra dotatie aan de voorziening wethouderspensioenen van 1.900.000.
Deze storting is gedaan op basis van het advies van het Ministerie Binnenland Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Begin 2025 heeft het ministerie BZK een onderzoek laten uitvoeren naar de gevolgen van de Wet toekomstig pensioenen (Wtp). Met ingang van 1 januari 2028 gaan de pensioenaanspraken over naar het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Het Ministerie van BZK heeft de hoogte van het pensioenkapitaal berekend als dit overgaat naar het APB. De storting van 1.900.000 was voorzien in begrotingsjaar 2027. Door gewijzigde wet- en regelgeving moet de voorziening wethouderpensioen per 31 december 2025 op de door het ministerie BZK geadviseerde niveau komen. In 2027 is 1.900.000 budget vrijgemaakt om in de voorziening te storten. De verschuiving van de geplande storting van 2027 naar 2025 heeft een over de jaren heen een neutraal karakter.

Gezien het moment van bekendmaking dat storting al in boekjaar 2025 moest plaatsvinden was het niet mogelijk om de begroting hierop aan te passen. Door verplichting om de pensioenvoorziening versneld op hoogte te brengen, is de conclusie dat de overschrijding rechtmatig is.

In 2025 is er sprake van een overschrijding van lasten van 513.000 ten opzichte van de begroting voor programma 8 Cultuur, sport en recreatie. Er is sprake van een tweetal opvallende posten:
a. in de opbrengsten zijn zowel de opbrengsten begrepen van de ijshal als het bad. De Stichting de IJshal stuurt vervolgens een factuur voor de ontvangen opbrengsten. In 2025 bedroeg deze omzet circa 390.000, die vervolgens ook als kostenpost is opgenomen. Beide posten waren in de begroting niet voorzien.
b. het resterende verschil ca. 123.000 wordt als onrechtmatige overschrijding aangemerkt.

De overige afwijkingen binnen dit programma zijn < 250.000 en conform de financiële verordening niet toegelicht. In artikel 35c, lid 4 van de Financiële verordening 2023 van de gemeente Leiden zijn een aantal situaties opgenomen wanneer onrechtmatige overschrijdingen van lasten ten opzichte van de begroting als acceptabel worden aangemerkt. Van de 513.000 aan onrechtmatige overschrijding is 390.000 (ad a.) als acceptabel aan te merken omdat direct gerelateerde inkomsten (eveneens 390.000) de overschrijding van de lasten compenseren.

Beheersingsmaatregel - overschrijding lasten t.o.v. de begroting: in de planning-en-controlcyclus wordt bij de voortgangsrapportages en slotwijziging meer aandacht gevraagd voor het toelichten/melden van afwijkingen en het aanpassen van de begroting.

De commissie BBV geeft via de Kadernota rechtmatigheid haar visie over de invulling van het begrip rechtmatigheid. In 2023 is de Kadernota rechtmatigheid gewijzigd en is een nadere toelichting gegeven op het begrip begrotingsonrechtmatigheid. Vanaf 2023 kunnen ook onderschrijdingen van lasten of onder- of overschrijdingen van baten onrechtmatig zijn. Dat is het geval als deze niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de gemeenteraad zijn gemeld. In de Financiële verordening 2023 van de gemeente Leiden, in 2024 aangepast,

Kort gezegd komt het er op neer dat onderschrijdingen van lasten of onder- of overschrijdingen van baten tijdig zijn gemeld (en daarmee rechtmatig zijn) als deze zijn toegelicht in één van de producten van de planning-en-controlcyclus van de gemeente Leiden. En daarbij de regels in de financiële verordening en het Normenkader rechtmatigheid 2025 van de gemeente Leiden zijn gevolgd. Met de aanvullende opmerking dat afwijkingen ten opzichte van de laatst gewijzigde begroting dienen te worden gemeld en toereikend te worden toegelicht. Besluitvorming over de inzet van ontstane financiële ruimte of het oplossen van tekorten vindt dan plaats bij de eerstvolgende kaderbrief (artikel 7b lid 2 van de financiële verordening).

Bevinding (1) - onderschrijdingen van lasten of onder- of overschrijdingen van baten: op elk programma (naast de hierboven beschreven overschrijding van de lasten op programma 8) is sprake van onderschrijdingen van lasten en/of onder- of overschrijdingen van baten. Deze bestaan uit hogere baten (overschrijdingen) van € 3.708.000, lagere baten (onderschrijdingen) van € 8.291.000 en onderschrijdingen van (lagere) lasten € 38.669.000 en overschrijdingen van lasten € 1.789.000. Deze afwijkingen zijn juist en volledig (en dus tijdig) toegelicht in de jaarrekening. Via bestemmingsvoorstellen besluit de raad wat hiermee gebeurt in het nieuwe jaar.

Bevinding (2) - onderschrijdingen van lasten of onder- of overschrijdingen van baten: artikel 7 lid 3 van de financiële verordening geeft aan dat het college de gemeenteraad informeert als het verwacht dat de lasten, baten of investeringsuitgaven de begroting met meer dan 100.000 gaan onder- of overschrijden. De huidige werkwijze binnen de gemeente sluit hierop aan: verwachte mee- en tegenvallers leiden tot een toelichting in één van de voortgangsrapportages. Die worden ook vertaald in een begrotingswijziging. Desalniettemin is ook bij deze jaarrekening sprake van onder- en overschrijdingen die mogelijk al eerder in beeld waren of in beeld hadden moeten zijn. En die dus in een van de voortgangsrapportages hadden kunnen worden opgenomen. Dat is achteraf echter moeilijk vast te stellen. Dit is een aandachtspunt.

Dit vraagt om de volgende beheersingsmaatregel: bij de aanmelding van over- en onderschrijdingen van de begroting goed kijken naar de volledigheid van de meldingen. Ook bijvoorbeeld de onderschrijdingen die volledig conform afspraak met de raad worden verrekend met reserves. Het ‘tijdig’ informeren van de raad over afwijkingen van de begroting is geregeld in de financiële verordening.

Er zijn verder geen bevindingen ten aanzien van het begrotingscriterium. Er zijn afwijkingen (overschrijdingen) van kredieten (investeringsbudgetten) van 351.000, maar dit is kleiner dan de rapporteringstolerantie van € 825.000 en hoeft daarom verder niet toegelicht te worden in de paragraaf bedrijfsvoering.

Hieronder is een nadere toelichting op de begrotingsonrechtmatigheid opgenomen:

Programma

(Bedragen x 1.000)

Begroting 2025 na wijziging

Realisatie 2025

Begrotingsafwijking

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Programma 1 Bestuur en dienstverlening

4.613

-28.047

-23.434

4.896

-29.323

-24.427

283

-1.276

-993

Programma 2 Veiligheid

994

-18.969

-17.975

973

-18.842

-17.869

-21

127

106

Programma 3 Economie

2.484

-14.436

-11.952

2.119

-13.046

-10.927

-365

1.390

1.025

Programma 4 Bereikbaarheid

27.753

-30.898

-3.145

27.900

-28.230

-330

147

2.668

2.815

Programma 5 Omgevingskwaliteit

44.363

-79.555

-35.192

43.323

-75.303

-31.980

-1.040

4.252

3.212

6 Programma Stedelijke Ontwikkeling

52.639

-61.734

-9.095

48.067

-52.403

-4.336

-4.572

9.331

4.759

Programma 7 Jeugd en onderwijs

8.336

-77.809

-69.473

8.723

-75.787

-67.064

387

2.022

2.409

Programma 8 Cultuur, sport en recreatie

9.694

-49.736

-40.042

10.598

-50.249

-39.651

904

-513

391

Programma 9 Maatschappelijke onderst.

23.122

-143.477

-120.355

21.116

-138.530

-117.414

-2.006

4.947

2.941

Programma 10 Werk en inkomen

89.400

-139.806

-50.406

89.113

-135.487

-46.374

-287

4.319

4.032

Algemene middelen, onvoorzien, overhead en vpb

495.245

-108.028

387.217

497.232

-98.415

398.817

1.987

9.613

11.600

Programma

(Bedragen x
1.000)

Sprake van een begrotingsonrechtmatigheid? (Bedragen x 1)

Voldaan aan bepalingen van de financiële verordening?

Toelichting akkoord?

Verwijzing

Totaal onrecht-matig

Onrechtmatigheden?

Acceptabel

Niet acceptabel

2.413

2.290

123

Programma 1 Bestuur en dienstverlening

Hogere (overschrijding) lasten 1.276 en hogere (overschrijding) baten
283. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen beleidsterrein 1A Bestuur.

Ja

Ja

2.2.1

1.900

1.900

0

Programma 2 Veiligheid

Lagere (onderschrijding) lasten 127 en lagere (onderschrijding) baten
21. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen beleidsterrein 2A Veiligheid.

ja

Ja

2.2.2

Programma 3 Economie

Lagere (onderschrijding) lasten 1.390 en lagere (onderschrijding) baten 365. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen de beleidsterreinen 3B Stimuleren van ondernemen en 3C Marketing en promotie ruimte om te ondernemen.

Ja

Ja

2.2.3

Programma 4 Bereikbaar-heid

Lagere (onderschrijding) lasten
2.668 en hogere (overschrijding) baten 147. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan de beleidsterreinen 4A Duurzame mobiliteit en 4B Bereikbaarheid.

Ja

Ja

2.2.4

Programma 5 Omgevings-kwaliteit

Lagere (onderschrijding) lasten
4.252 en lagere (onderschrijding) baten 1.040. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen meerdere beleidsterreinen.

Ja

Ja

2.2.5

Programma 6 Stedelijke ontwikkeling

Lagere (onderschrijding) lasten
9.331 en lagere (onderschrijding) baten 4.572. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen de beleidsterreinen 6B Gemeentelijk vastgoed.

Ja

Ja

2.2.6

Programma 7 Jeugd en onderwijs

Lagere (onderschrijding) lasten
2.022 en hogere (overschrijding) baten 387. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen de beleidsterreinen 7A Jeugd.

Ja

Ja

2.2.7

Programma 8 Cultuur, sport en recreatie

Hogere (overschrijding) lasten 513 en hogere (overschrijding) baten
904. De afwijking is voornamelijk ontstaan binnen het onderstaande beleidsterrein 8C Sport en toereikend toegelicht in de jaarrekenig (hoofdstuk 2.2.8): a. in de opbrengsten zijn zowel de opbrengsten begrepen van de ijshal als het bad. De Stichting de IJshal stuurt vervolgens een factuur voor de ontvangen opbrengsten. In 2025 bedroeg deze omzet ca. 390, die vervolgens ook als kostenpost is opgenomen. Beide posten waren in de begroting niet voorzien. b. het resterende verschil ca. 123 wordt als onrechtmatige overschrijding aangemerkt. De overige afwijkingen binnen dit programma zijn < 250 en cf. de financiële verordening niet toegelicht.Conclusie: De initieel onrechtmatige lasten (overschrijding) wordt grotendeels gecompenseerd door hogere baten (eveneens overschrijding).

Nee

Ja

2.2.8

513

390

123

Programma 9 Maatschap-pelijke ondersteuning

Lagere (onderschrijding) lasten
4.947 en lagere (onderschrijding) baten 2.006. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen de beleidsterreinen 9B Preventie en 9D Kwetsbare groepen.

Ja

Ja

2.2.9

Programma 10 Werk en inkomen

Lagere (onderschrijding) lasten
4.319 en lagere (onderschrijding) baten 287. De afwijkingen zijn voornamelijk ontstaan binnen meerdere beleidsterreinen.

Ja

Ja

2.2.10

Algemene middelen, onvoorzien, overhead en vpb

Lagere (onderschrijding) lasten
9.613 en hogere (overschrijding) baten 1.987. De afwijkingen zijn ontstaan binnen meerdere beleidsterreinen.

Ja

Ja

2.2.11/ 2.2.12

Conclusie: Programma 1, 3 t/m 10 en algemene middelen/ onvoorzien/ overhead/vpb

Conclusie: Rechtmatig. De overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten en baten zijn conform de financiële verordening in de voortgangsrapportages of in de jaarrekening (> 250) toereikend toegelicht en daarmee tijdig (en dus rechtmatig) aan de raad gemeld . Er kan (mogelijke) sprake zijn van een overschrijding van lasten op een onderliggend beleidsterrein, maar niet op programmaniveau (het niveau waarop de raad de begroting goedkeurd) kan nooit onrechtmatig zijn.

Rapportage interbestuurlijk toezicht

In oktober 2012 is een nieuwe wet in werking getreden: de Wet revitalisering generiek toezicht. De kern hiervan is minder toezicht door het Rijk, maar meer toezicht door de provincie en de gemeenteraad op de naleving van wet- en regelgeving. De wet betreft de volgende onderwerpen:

  • Ruimtelijke ordening,
  • Omgevingsrecht,
  • Monumentenzorg & archeologie,
  • Archief- & informatiebeheer en
  • Huisvesting vergunninghouders.

In Zuid Holland is aan de gemeenten een Bestuursovereenkomst voorgelegd, die ook de gemeente Leiden heeft getekend. Inmiddels is er eind 2021 een nieuwe Bestuursovereenkomst getekend. Vanaf 2022 vindt de verantwoording plaats via een continu bijgewerkt dashboard in plaats van een jaarlijkse verantwoording in de Jaarstukken. U vindt het dashboard via deze link: Interbestuurlijk toezicht Zuid-Holland (arcgis.com).

5. Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken

In de Gemeentewet (artikel 213a) staat dat het college regelmatig de doelmatigheid en doeltreffendheid van hun eigen bestuur moet onderzoeken. Doelmatigheid gaat over onze werkprocessen: deze moeten zo slim mogelijk zijn ingericht. Doeltreffendheid gaat over onze doelen: deze willen we graag halen.

In de financiële verordening (artikel 37) staat dat het college in de paragraaf bedrijfsvoering van het Jaarverslag een overzicht geeft van de onderzoeken die het afgelopen jaar zijn uitgevoerd. In 2025 zijn de volgende onderzoeken afgerond:

Programma

Besluit

Titel

Toelichting

1

Z/25/3920584

Evaluatie Jongerenraad

De evaluatie is eind 2025 uitgevoerd. De evaluatie is gedaan met behulp van meerdere betrokkenen, waaronder het college, de begeleidingsgroep, scholen en de jongeren zelf. Op 27 januari 2026 heeft het college de evaluatie vastgesteld. Op 28 januari 2026 heeft het college hierover een brief gestuurd naar de raad. In de collegebrief staan ook scenario’s voor een vervolg vermeld.

3

Z/25/3904459

Evaluatie toeristenbelasting

In 2025 is de evaluatie van de toeristenbelasting (periode 2026–2028) afgerond. Op 28 januari 2026 heeft het college hierover een brief gestuurd naar de raad. De evaluatie brengt de tariefontwikkeling, uitvoerbaarheid en beleidsmatige keuzes (waaronder besteding en relatie met citymarketing) in beeld en verwerkt input van stakeholders. De uitkomsten zijn gebruikt in de voorbereiding van besluitvorming over tariefstelling en de verdere beleidsdoorontwikkeling.

3

B 08

Evaluatie economie 071

De evaluatie van Economie071 heeft in 2024 plaatsgevonden. Naar aanleiding hiervan is een traject gestart voor de herpositionering van Economie071. Op 20 24 maart 2025 heeft het college hierover een brief gestuurd naar de raad.

Na 10 jaar economische samenwerking tussen ondernemers, onderwijs- en kennisinstellingen en overheid in de Leidse regio wees de evaluatie uit dat een doorontwikkeling naar een meer gerichte organisatie helpend zou zijn om de regionale economie verder te versterken en de regio beter te profileren als kennisregio. Conclusie is ook dat de uitbreiding van de samenwerking met de gemeente Noordwijk en de kennisclusters Leiden Bio Science Park, NL Space Campus en Unmanned Valley daarbij ondersteunend zou zijn.

3

WWV-837-2025

Evaluatie opgave internationalisering

Op 2 juni 2025 heeft het college een brief gestuurd naar de raad over de evaluatie opgave internationalisering.

Met de evaluatie is invulling gegeven aan de afspraak met de gemeenteraad om de Visie Internationalisering uit 2020 na vier jaar te evalueren. In de evaluatie wordt een overzicht gegeven van de vooruitgang die is geboekt in de ondersteuning van de internationale inwoners van Leiden. Daarnaast wordt een doorkijkje gegeven naar de focus voor de komende tijd.

7

WAJ-1020-2025

Evaluatie Conciërgeregeling

De subsidieregeling Bekostiging conciërges primair onderwijs 2025 is samen met het onderwijs en DZB geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie is de subsidieregeling voor 2026–2027 opgesteld en uitgebreid met de bekostiging voor ander onderwijsondersteunend personeel, naast conciërges, in het primair onderwijs.

8

WYVD-696-2025 en Z/24/3760374

Herijking subsidiesystematiek cultuur

In 2024 heeft een onderzoek plaats gevonden naar de subsidiesystematiek in Leiden. Daarnaast is een vergelijking gemaakt met andere steden. Ook is er een enquête gehouden en zijn er meerdere gesprekstafels georganiseerd met de cultuursector in Leiden. Het is onderzoek is in juni 2024 afgerond. Op basis van het onderzoek is de subsidiesystematiek aangepast. De besluitvorming over de nieuwe subsidiesystematiek heeft in het eerste kwartaal van 2025 plaats gevonden. Op 18 februari 2025 heeft het college een brief gestuurd naar de raad.

9

WJT-1016-2025

Cliëntervaringsonderzoek WMO voorzieningen

In 2025 is het Cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2024 uitgevoerd. Inwoners hebben een vragenlijst ingevuld. Het onderzoek laat zien dat de ondersteuning over het algemeen goed werkt en wordt gewaardeerd.

10

Z/25/38link35055

Evaluatie jeugdteam

Het college heeft de raad op 27 mei 2025 geïnformeerd over de evaluatie van de Jeugdteams Leidse Regio en het aangekondigde vervolgproces richting de periode na medio 2028. Deze evaluatie liet zowel sterke punten als verbeterpunten zien. De verbeterpunten zijn verwerkt in de verlengde opdracht aan de Jeugdteams voor de periode van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2028. Daarnaast is aangegeven dat het college zich, met het oog op de afloop van deze afspraken per 30 juni 2028, beraadt op de inrichting van de toegang daarna.

Op 17 september 2025 heeft over die toekomstige inrichting van de toegang een woordvoerdersoverleg plaatsgevonden. Daar zijn de uitkomsten van de evaluatie toegelicht en hebben de woordvoerders vragen en aandachtspunten meegegeven voor het vervolgproces.

Opvolging aanbevelingen Rekenkamer (tot 1 januari 2024: Rekenkamercommissie)

De Rekenkamer Leiden-Leiderdorp voert jaarlijks ook een of meer onderzoeken uit. In de Jaarstukken staat een stand van zaken van de aanbevelingen uit de rapporten van de afgelopen drie kalenderjaren. Deze informatie staat in de bijlage ‘Opvolging aanbevelingen Rekenkamer (tot 1 januari 2024: Rekenkamercommissie)’.

  1. Wat is Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI)? De gemeente Leiden houdt bij het inkopen van producten, werken of diensten, rekening met onderwerpen die in de samenleving spelen. Dit betekent dat we bij het kopen van producten en diensten niet alleen kijken naar de prijs, maar ook naar het effect op mensen, het milieu en eerlijk zakendoen.