Ga naar boven

Financiering

Inleiding

In de paragraaf financiering lichten we de ontwikkelingen en beleidskeuzes toe voor 2017 in een onderdeel "algemene ontwikkelingen" en een onderdeel "ontwikkelingen gemeente Leiden". Onder de "algemene ontwikkelingen" komen de renteontwikkelingen en ontwikkelingen van de wet- en regelgeving aan de orde. De "ontwikkelingen gemeente Leiden" richten zich specifiek op de renterisiconorm, de kasgeldlimiet en de financiering van de gemeente Leiden.

Algemene ontwikkelingen

Renteontwikkelingen ­
De gemiddelde kapitaalmarktrente (= langlopende financiering) voor rentevaste en lineaire leningen met een looptijd van tien jaar is over uitgekomen op %. In was de gemiddelde rente %. De renteontwikkeling in 2017 laat een fluctuerend beeld zien zonder een echt duidelijke trendmatige daling of stijging van de rente.

De rente op de geldmarkt (= kortlopende financiering) wordt voornamelijk bepaald door het rentebeleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De ECB gebruikt de rentestand om te sturen op de inflatie. Het belangrijkste tarief van de ECB is de herfinancieringsrente. De herfinancieringsrente is in 2017 niet aangepast (0%). De depositorente die de ECB hanteert is voor de geldmarkt de ondergrens. De depositorente is in 2017 niet aangepast (-0,4%). De rentetarieven op kasgeldleningen met de looptijd van één maand waren in 2017 stabiel op een laag niveau. Gedurende het gehele jaar was er sprake van een negatieve rente.

Ontwikkelingen gemeente Leiden


Beleidsverantwoording treasury

In de Financiële verordening (RV 16.0089) heeft de gemeenteraad de kaders voor de treasuryfunctie vastgesteld. In de Uitvoeringsregels Financiën College 2016 (BW16.0858) zijn die kaders verder uitgewerkt.

Met als doel het renterisico te beperken, was gedurende 2017 het beleid erop gericht om zoveel mogelijk de kortlopende schuld om te zetten naar een langlopende schuld. De rente staat nog op een historisch laag punt. Onder druk van van geopolitieke ontwikkelingen en het beleid van de FED en de ECB, is de verwachting dat de rente zal gaan stijgen, de gemeente Leiden houdt al rekening met een stijgende rente door de vlottende schuld om te zetten naar een langlopende schuld.

Kasgeldlimiet

De gemiddelde vlottende schuld, over drie maanden gezien, is voor een gemeente gelimiteerd op 8,5% van het begrotingstotaal. Een gemeente mag twee kwartalen achter elkaar deze limiet overschrijden. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de kasgeldlimiet in 2017 weergegeven:

Omschrijving

Gemiddelde netto vlottende schuld

Kasgeldlimiet

Ruimte (=+) of Overschrijding

eerste kwartaal 2017

57.221

43.476

-13.745

tweede kwartaal 2017

36.054

43.476

7.422

derde kwartaal 2017

35.960

43.476

7.516

vierde kwartaal 2017

28.272

43.476

15.204

Bedragen x € 1.000,-

Over het eerste kwartaal is de kasgeldlimiet overschreden. In het tweede kwartaal is de kortlopende schuld afgenomen als gevolg van het aantrekken van een langlopende geldlening. De overschrijding van de kasgeldlimiet heeft geen gevolgen (in het vierde kwartaal van 2016 was er geen overschrijding van de kasgeldlimiet). De wet FIDO schrijft voor dat de toezichthouder vooraf geïnformeerd moet worden als de kasgeldlimiet drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden.

Renterisiconorm

Over de langlopende schuld mogen de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de renterisiconorm in 2017 weergegeven:

Omschrijving

2016

2017

Begrotingstotaal (primitief)

498.293

511.483

Wettelijk percentage

20%

20%

Renterisiconorm

99.659

102.297

Bedrag waarover renterisico wordt gelopen (aflossingen)

17.744

19.802

Ruimte onder renterisiconorm

81.915

82.495

Bedragen x € 1.000,-

Het bedrag aan langlopende leningen, waarover de gemeente Leiden een renterisico liep, blijft ruimschoots binnen de wettelijke norm (volgens de wet FIDO), zoals blijkt uit de tabel.

Financiering

De ontwikkeling van de leningenportefeuille is in onderstaande tabel gegeven. De stand van de leningenportefeuille is ook terug te vinden bij de toelichting op de balans.

Ontwikkeling leningenportefeuille 

Bedrag

Stand per 1 januari 2017

182.882

Nieuwe leningen

115.000

Reguliere aflossingen

-19.802

Vervroegde aflossingen

0

Stand per 31 december 2017

278.080

Bedragen x € 1.000,-

In 2017 zijn twee langlopende geldleningen aangetrokken met een hoofdsom van € 80 miljoen en € 35 miljoen. Het aantrekken van de nieuwe langlopende financiering was noodzakelijk gezien de uitgaven aan hoofdzakelijk de investeringen die hebben plaatsgevonden over 2017, maar ook omdat de kortlopende schuld is omgezet naar een langlopende schuld, met als doel het renterisico te beperken.

Instelling

Bedrag

Periode

Rente

BNG

80.000.000

23-02-2017 t/m 23-02-2037

1,178%

NWB

35.000.000

16-10-2017 t/m 16-10-2037

1,199%

­Rentemethodiek en renteresultaat­

Voor de toerekening van de rentelasten maakt de gemeente Leiden gebruik van de rente-omslag-methode. Het totaal van de rentelasten wordt ‘omgeslagen’ over het geheel van de investeringen. De rentelasten betreffen het totaal van de rentelasten op de langlopende geldleningen en de kortlopende financiering minus de rente-opbrengsten van overtollige middelen.

Door toepassing van de rente-omslag-methode worden de rentelasten aan de hand van de stand van de investeringen toegerekend aan de prestaties. De achterliggende gedachte is hierbij dat de gehanteerde omslagrente een reëel percentage is. Zodra de afwijking tussen de gehanteerde omslagrente en de werkelijk rentelast groter wordt dan 0,5% dient de gehanteerde omslagrente aangepast te worden.

Hieronder een overzicht van het renteresultaat:

Renteresultaat

2017

a

De externe rentelasten

4.981

b

De externe rentebaten

-154

Saldo rentelasten en rentebaten

4.827

c1

De rente doorberekend aan de grondexploitatie

-582

c2

De rente van projectfinanciering richting het taakveld

-30

c3

De rentebaat van doorverstrekte leningen richting het taakveld

30

Saldo aan taakvelden toe te rekenen externe rente

-582

d1

Rente over eigen vermogen

-

d2

Rente over voorzieningen

-

Saldo rente over het eigen vermogen en de voorzieningen

0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

4.245

Totaal aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-6.626

Renteresultaat op het taakveld Treasury (-/- = voordeel)

-2.381

Bij de gehanteerde rentesystematiek wordt de betaalde rente omgeslagen over het totaal aan activa. Voor deze renteomslag wordt een vast percentage gehanteerd. Voor 2017 bedraagt dit 1%. Dit percentage wordt de omslagrente genoemd.

De omslagrente mag niet meer afwijken dan 0,5% van de werkelijke verhouding tussen de betaalde rente en het activavolume. Doordat er een verschil is tussen het gehanteerde omslagpercentage en het werkelijke percentage (toegestaan binnen een bandbreedte van -0,5% en 0,5%) ontstaat er een renteresultaat.

Het gepresenteerde (interne) voordeel van € .000 betekent dat de gehanteerde omslagrente van 1% hoger is dan het werkelijke percentage. Er is € .000 meer rente doorberekend naar de activa, dan dat er daadwerkelijke aan rente is betaald aan de geldverstrekkers. Het verschil bevindt zich binnen de gestelde bandbreedte (0,35%), wat betekent dat een reëel rentepercentage is toegerekend aan de taakvelden en activa.

In de Eerste bestuursrapportages 2017 is een voordeel gemeld op Treasury van € 2,9 mln. De begroting is hierop aangepast. In de Tweede bestuursrapportage 2017 is een aanvullend voordeel gemeld op Treasury van € 313.000. De begroting is hierop eveneens aangepast. Het gemelde voordeel is hoofdzakelijk het gevolg van een gewijzigde financieringsbehoefte ten opzichte van de begroting. Het verschil in financieringsbehoefte wordt met name veroorzaakt doordat investeringen die gepland stonden voor 2017, zijn doorgeschoven naar latere jaren. Bij de Jaarrekening 2017 heeft het taakveld Treasury is, ten opzichte van de gewijzigde begroting, een aanvullend positief resultaat van € 309.000. Dit resultaat is hoofdzakelijk veroorzaakt door:

  • Er was rekening gehouden met het aantrekken van een lening van € 40 miljoen, begin september, tegen een rentepercentage van 1,35%. Een lening van € 35 miljoen is aangetrokken, medio oktober, tegen een rentepercentage 1,199%. Het verschil in modaliteiten levert een voordeel op van € 91.000;
  • In de begroting is een bedrag opgenomen aan rentelasten op de aan te trekken kortlopende financiering. Gezien de nog lagere rentestand dan verwacht (negatieve rente), is er op de deze rentelasten een financieel voordeel ontstaan van € 13.000;
  • Er zijn in 2017 minder kosten gemaakt dan begroot voor het betalingsverkeer. Dit leidt tot een voordeel van € 42.000. Ten aanzien van het betalingsverkeer is het echter wel de verwachting dat de kosten de komende jaren zullen gaan toenemen;
  • Er is meer rente doorbelast naar de prestaties (middels de doorberekende kapitaallasten) dan vooraf was voorzien. Het voordeel is € 17.000;
  • De rente die wordt doorberekend naar de grondexploitaties wordt bepaald op basis van de werkelijk over 2017 betaalde rente. Door het verschil tussen het begrote rentepercentage en het werkelijke rentepercentage ontstaat er een voordeel van € 79.000;
  • Een aantal rentebaten zijn niet begroot (hoofdzakelijk rente ontvangen van de BSGR). Over 2017 is voor een bedrag van € 68.000 aan niet begrote rente ontvangen. Aangezien deze post jaarlijks stijgt en op het huidige niveau substantieel is geworden, zal deze post in de Eerste bestuursrapportage 2018 en in de begroting 2019 worden begroot.

Schatkistbankieren ­
De gemeente Leiden heeft gedurende één periode over 2017 een positief banksaldo gehad. Gedurende deze periode is geld afgestort in 's Rijks schatkist om binnen de gestelde doelmatigheidsdrempel te blijven.
Conform de vereisten in het BBV (art 52c) is in de toelichting op de balans het drempelbedrag vermeld en, per kwartaal, het bedrag aan middelen dat de gemeente Leiden buiten ’s Rijks schatkist heeft aangehouden.

Overig 

Complexe financiële producten
De gemeente Leiden maakt geen gebruik van complexe financiële producten zoals derivaten.

Geldstromenbeheer
De betalingen van de gemeente vinden zo veel mogelijk via de BNG plaats omdat door de BNG de kortlopende financieringsbehoefte voor de gemeente Leiden wordt afgedekt. Met de BNG is daartoe een ruime kredietfaciliteit van € 75 miljoen overeengekomen. Via de ING worden een aantal bulkmutaties, zoals parkeervergunningen en parkeergelden, afgehandeld.